Home > achtergrond > Instrument > De doedelzak in Europa - deel 3

> zoek...
> meer zoeken...
 

De doedelzak in Europa - deel 3
Deel drie van deze reeks over de doedelzak in Europa. Deze keer gaan we dieper in op de Bock-types van Centraal- en Oost-Europa. (Instrument)

Hierbij het derde deel van deze reeks van Hubert Boone. De vorige delen kan je herlezen via de verwijzingen in de rechtsekolom.

De afbeeldingen zijn in het klein in de tekst opgenomen, maar door er op te klikken krijg je ze in een groter formaat te zien. Ter herinnering herhalen we dat het niet toegestaan is om het fotomateriaal elders ongevraagd te publiceren. Daarvoor dient men eerst de toelating te vragen aan de auteur, die zo nodig zal doorverwijzen naar een andere rechthebbende persoon of instelling. Dezelfde regelgeving geldt ook voor wat de teksten betreft.

Veel leesplezier met dit derde deel.

 
De doedelzak in Europa
 
en elders in de wereld.
 

Hubert Boone (studie- en documentatiecentrum TraVo)

 
Deel 3.
 
De Bock-types van Centraal-
en Oost-Europa
 
Bock is de typologische verzamelnaam voor verschillende doedelzakmodellen met een rechte, slank afgedraaide melodiepijp, die bijna altijd voorzien is van een grote trechtervormige klankbeker. Al deze instrumenten hebben één grote bourdon met een gelijkaardig uiteinde.
De meeste Bock-soorten hebben een aangenaam warm timbre. Zeer typisch is hun plagale majeur-toonschaal zonder bovendominant (6de graad van de toonladder) in het lage register.
Men vindt dit doedelzaktype in Bohemen en Moravië, in verschillende streken van Polen, en bij de Sorben (Slavische minderheid) in het Oosten van Duitsland. Er zijn ook nog varianten bekend in Litouwen, Belarus (Wit-Rusland) en op een aantal plaatsen in het Zuiden van Duitsland.
 
Het bekendste model is ongetwijfeld de dudy uit Bohemen.   
Daar bleef de traditie het best bewaard in Chodsko, met de stad Domali?e als belangrijkste centrum. Sedert geruime tijd functioneert deze doedelzak met een blaasbalg en heeft hij gestandaardiseerde afmetingen. Tegenwoordig is de melodiepijp 34cm lang (zonder klankbeker) en bedraagt de cilindrische boring 8mm. Ze heeft 7 vingergaten (6 + duimgat) en onderaan een klein stemgat. Sommige exemplaren hebben voor ieder gaatje een ‘fijnstemmer’, nl. een schroefje dat dwars door de wand van de melodiepijp zit en in de opening van het vingergat uitgeeft; zo kan men de opening verkleinen. Deze techniek werd omstreeks 1970 ingevoerd door Jacob Konrády, een befaamde virtuoos uit Domali?e. De klankbeker, nl. een grote gebogen ossenhoorn, zit rechtstreeks of via een metalen verbindingsstuk op de pen van de melodiepijp. Vooral bij oude instrumenten heeft de hoorn een verhoog van koperblik, geciseleerd met bloem- en bladfiguren, zes-sterren, gestileerde dennen, hartjes, initialen, e.d. Vroeger paste de melodiepijp bovenaan in een eenvoudige ronde houder, maar die werd reeds lang vervangen door een mooi uitgesneden en haaks doorboorde bokkenkop. Ook de rechte bourdon heeft definitief de plaats moeten ruimen voor een model dat haaks over de schouder hangt en voorzien is van een verkorter: een langwerpig stuk hout dat in zijn lengte driemaal doorboord is en waarvan de kanalen met mekaar verbonden zijn.  
 
De dudy functioneert met enkelrieten, maar die zijn niet altijd van het heteroglotte type; bijvoorbeeld een metalen buisje (vooraan gedicht met lood) met bovenaan een afplatting en een uitgesneden venster waarop een dun rietblad van riet of van messing gebonden is.
De pijpen zijn vaak mooi versierd met versterkende ringen van hoorn of been, messing bandjes, koperen stoelspijkers enzovoort. Opvallend is ook de draaistijl met opeenvolgende bol-motieven.
 
De toonschaal van de Boheemse dudy is gegrond op de plagale C-modus (Hypo-Ionische) en omvat een diatonische reeks van acht tonen met de tonica op de 3de trap, voorafgegaan door de dominant en de leidtoon (V-VII-1-2-3-4-5-6 / bes-d1-es1-f1-g1-as1-bes1-c2).
De bourdon klinkt twee octaven lager dan de tonica. Dudy-spelers gebruiken een gesloten vingerzetting; men opent één vingergat per toon, een techniek die heel wat virtuose mogelijkheden biedt. Voorslagen, lopertjes en het regelmatig herhalen van grondtoon en tonica zijn dan ook schering en inslag. Het repertoire omvat alleen maar dansmelodieën in majeur. Ze worden vaak beheerst door geijkte formules, bijvboorbeeld in de vorm van gebroken akkoorden, afwisselend gebaseerd op tonica en dominant.
 
De dudy wordt vooral gebruikt in orkestverband, een traditie die trouwens al lang bekend is in Bohemen. Zo ontstond omstreeks 1960 in Chodsko de zgn. ‘kleine muziek’, een trio bestaande uit klarinet in es (mib), viool en dudy. Tegen het einde van de 19de eeuw werd deze bezetting uitgebreid met een tweede viool en een klarinet in bes (sib), en rond 1930 kwam er vaak nog een contrabas bij. Het is vooral in dergelijke grote ensembles dat men deze doedelzak tegenwoordig aantreft. Het instrument is in Bohemen nog steeds erg in trek en men mag er van uitgaan dat er nog meer dan 400 spelers actief zijn. Sedert een paar decennia wordt de dudy ook aangeleerd in muziekacademies.
 
Van het Bock-type zijn in Polen vijf varianten bekend. Het meest verspreide model is de dudy wielkopolskie (Wielkopolska = groot Polen), die voorkomt in een uitgestrekt gebied ten Zuiden en Zuidwesten van Poznań. In vergelijking met de Boheemse dudy heeft deze Poolse variant een nogal gedrongen bouwstijl.  
De bourdon, die in de plooi van de linkerarm ligt, heeft een originele ‘verkorter’, nl. drie korte, machinaal gedraaide pijpen, die met metalen banden als een bussel samengehouden worden, terwijl U-vormig geplooide buisjes de kanalen verbinden.
Deze doedelzak heeft altijd een blaasbalg en opvallend zijn ook de rechthoekige zak in zwart leder en de mooie bokkenkop, die vaak versierd is met koperplaatjes in hart- en kruisvorm.
Ook hier heeft de toonschaal de geijkte volgorde: V-VII-1-2-3-4-5-6, maar men onderscheidt wel twee types. Zo is de tweede trap bij de instrumenten uit de gebieden rond Gostyń en Rawicz eerder een ondergrondtoon, terwijl de exemplaren uit de streek van Kośiań en Bukowsk duidelijk een leidtoon hebben.
 
Sterk verwant aan het hierboven beschreven model is de kozioł lubuski (ook kozioł zbąszyński genoemd), die verspreid is in een klein gebied ongeveer te situeren tussen Nowy Tomyśl en Wolsztyn.  
Deze doedelzak is groter en heeft een haakse bourdon zoals de Boheemse dudy, maar dan wel met een busselvormige verkorter. Typisch is de grote zak van witte geitenhuid met de lange haren aan de buitenkant, vanwaar zijn volkse benaming kozioł biały (witte geit). De toonschaal is eveneens gegrond op C-plagaal, maar de melodiepijp heeft ook een pinkgat, wat de ambitus vergroot, bovendien kan men met dit instrument twee tonen octaviëren. Dat is wel zeer merkwaardig en naar ons weten is het de enige doedelzak met cilindrische boring en enkelriet die dergelijke kwaliteiten heeft (wij hebben bij een paar Poolse musicologen daarover om uitleg gevraagd, maar niemand heeft gereageerd. Misschien ontbreekt bij dit instrument de leidtoon, en is de volgorde V-1-2 … enz.)
In dezelfde streek kent men ook nog de zogenaamde ‘bruilofts-doedelzak’ (kozioł lubuski slubny). Die heeft een rechte bourdon en de melodiepijp zit in een gewone ronde houder.
 
Een instrument dat nogal verschilt van de reeds besproken modellen, is de mondgeblazen dudy uit de omgeving van Źywiec, een stadje gelegen op de oevers van de Sola, niet ver van Bielsko-Biała. Zijn vormgeving en verzorgde esthetiek springen onmiddellijk in het oog. De melodiepijp heeft langgerekte – machinaal aangedraaide – hollen, en is versterkt met tinnen bandjes. Het metalen verhoog van de klankbeker is voorzien van een deksel dat meerdere keren doorboord is. De dudy źywieckie wordt altijd met de mond geblazen en heeft een rechte bourdon, die eveneens versierd is met inlegwerk van tin.
 
Een variant van deze doedelzak vindt men in het meer westelijk gelegen Silezië, namelijk de gajdy śląskie, die met een blaasbalg functioneert en geen duimgat heeft. De toonschaal van deze laatste is majeur getint, maar bij de dudy uit de streek van Źywiec is dat niet zo duidelijk.
 
 
De meeste van deze Bock-modellen zijn nog altijd erg populair, maar er komen ook nog andere mindere bekende doedelzaktypes voor in Polen. Zo kent men in Wielkopolska en de streek van Zbązyń een viertal varianten van de sierszeńki, een archaisch instrument zonder bourdon en met één of twee dierenblazen als reservoir; het wordt hoofdzakelijk door jonge knapen bespeeld. Ten slotte is er ook nog een doedelzak met een ‘contrapijp’ (ritmische bourdon), die in Podalië voorkomt en aanleunt bij bepaalde Slovaakse en Hongaarse exemplaren.
 
Ook in het Sorbische cultuurgebied – ongeveer te situeren tussen Cottbus en Bautzen in het Oosten van Duitsland – kende men vroeger een belangrijke doedelzaktraditie. In de tweede helft van de 18de eeuw telde men er nog een honderdtal spelers, maar op het einde van de 19de eeuw was het aantal reeds sterk geslonken. Na de Tweede Wereldoorlog bleven er slechts een paar spelers over in de Muskauer heide, tot er omstreeks 1970 een herleving op gang kwam.
Bij de Sorbische doedelzak onderscheidt men twee soorten: de kleine měchawa of kozło en de grotere kozioł. Eerstgenoemde leunt sterk aan bij de oude Boheemse dudy zonder bokkenkop en met een rechte bourdon. Daarentegen staat de kozioł zeer dicht bij de Poolse kozioł lubuski, nl. met een bokkenkop, haakse bourdon met busselvormige verkorter en een zak van geitenhuid met de lange haren aan de buitenkant. Beide Sorbische modellen functioneren met een blaasbalg.
 
Het is bekend dat doedelzakken van het Bock-type geen exclusiviteit zijn van de West-slavische volkeren. Ze waren destijds ook verspreid in een aantal streken van Duitsland, vooral in Oberpfalz, Thüringen en bij de Duitstalige bevolking van het Tsjechische Egerland (de streek van Cheb). Naarmate het muziekhistorisch onderzoek vordert, wordt het ook duidelijker dat voor de ontwikkeling van het Bock-type de Duitse inbreng zeer groot moet geweest is; misschien dient men de oorsprong ervan ook daar te zoeken. Een dergelijk doedelzaktype, met rechte bourdon en grote klankbekers, wordt al beschreven en afgebeeld door de vermaarde Duitse muziekgeleerde Michaël Praetorius in zijn Syntagma Musicum van 1619. 
Het is ook opvallend dat sommige oude Duitse exemplaren die in de musea bewaard worden, reeds de kenmerken hebben van de 19de-eeuwse Bock, zo onder meer een instrument uit de voormalige verzameling Paul de Wit in Leipzig (catalogus van 1904, nr. 402), gejaartekend 1705 en voorzien van een blaasbalg, bokkenkop en bourdon met haakse verkorter. Het is niet onmogelijk dat andere voorbeelden met dezelfde bouwtechnische kenmerken, nog verder opklimmen: een Bock uit de voormalige collectie van César Snoeck zou zelfs van 1527 dateren (catalogus 1894, nr. 982). Dit exemplaar bevond zich in het Museum van Berlijn en werd vernietigd tijdens de Tweede Wereldoorlog.
 
Over de Bock-soorten in andere gebieden van Europa zijn de gegevens wel erg schaars. We weten dat er een variant voorkwam in Litouwen, de zgn. Labanora duda, genoemd naar de provincie waar dit instrument het meest voorkwam. In zijn standaardwerk over de doedelzak (Bagpipes) beschrijft Anthony Baines een exemplaar uit de omgeving van Vitebsk in Belarus (Wit-Rusland). Al deze modellen zijn nogal archaïsch gebouwd, ze hebben een gedrongen vorm en worden met de mond geblazen. In vergelijking met de andere Europese Bock-types vertonen ze niet alleen esthetische, maar ook muzikale verschillen.
 

 
 
Doedelzak deel 3 – legende foto’s
 
18. Kleine dudy uit Zuid-Bohemen, vervaardigd tussen 1880 en 1900.
© Josef Re?ný, Strakonice; verz. HB
 
19. Frantisěk Kopšik (1822-1915) uit Blata, gefotografeerd op 75-jarige leeftijd.
Van deze befaamde dudy-speler werden tussen 1903 en 1909 een aantal opnamen gemaakt op platen van schellak. Al de melodieën werd later getranscribeerd door musicoloog Jaroslav Markl en gepubliceerd in zijn monografie Dudy a dudáci van 1972.
Verz. HB.
 
20. Dudy vervaardigd in 1970 door Jacub Jahn uit ?dánov bij Doma?lice.
© Josef Re?ný, Strakonice; verz. HB
 
21. Dudy-speler Jiří Mikolášek uit Karlovy-Vary, gefotografeerd in 1980.
© Josef Re?ný, Strakonice; verz. HB
 
22. Volkslied uit Chodsko (passage) met begeleiding van klarinet in es (mib), viool en dudy.
Transcriptie gerealiseerd door Ludvik Kuba omstreeks 1893.
Verz. HB
 
23. Dudy wielkopolskie.
© Polska Akademia Nauk, Instytut Sztuki, Warschau; verz HB
 
24. Duo met dudy wielkopolskie en viool, gefotografeerd in 1954 door musicoloog Jarosław Lisakowski. Let op de viool die voorzien is van een capotasto om in de toonaard van de dudy te kunnen spelen.
Verz. HB
 
25. Muzikanten uit de omgeving van Poznań, gefotografeerd in 1977.
Verz. HB
 
26. Tomasz Kotkowiak met kozioł lubuski, gefotografeerd in 1983 door Jarosław Lisakowski.
Verz. HB
 
27. Bruiloftsmars uit Chronica nabij Nowy Tomýsl, uitgevoerd omstreeks 1950 op kozioł lubuski en getranscribeerd door de bekende Poolse musicologen Jadwiga en Marian Sobiescy.
Verz. HB
 
28. Duo uit de omgeving van Góra Baranié in Silezië, met gajdy śląskie en viool.
Verz. HB
 
29. Sorbisch ensemble met klarinet in es (mib), viool en kozioł, gefotografeerd in 1896 tijdens de tentoonstelling van Saksische kunstambachten in Dresden.
 
30. Afbeelding met onder meer de ‘Grosser Bock’, uit het Syntagma Musicum van Michaël Praetorius, uitgegeven in 1619.
 
31. Mondgeblazen Duits Bock-type uit de 17deof 18de eeuw.
Verzameling Germanisches Nationalmuseum, Nurenberg (Duitsland)
  


(steven)
28/03/2006 20:56

Bookmark and Share
© folkroddels.be
reacties
Bedankt voor de hulp Lieve!

steven, 28/03/2006 20:48 (15822) - top
Daar hebben we weer een pareltje van doedelwetenschap.
Hopelijk vallen er nooit bommen op het MIM, anders zijn we onze enige drie Muchosa's ook nog kwijt.
Als ik bedenk hoe weinig het scheelde, of ze zaten ook in Berlijn...


DROMADER, 29/03/2006 09:51 (15825) - top
Om te beginnen : nog s bedankt voor de superinteressante reeks.
Deel 1 en deel 2 heb ik zonder problemen kunnen printen (voor de persoonlijke bib).
Deel 3 wil maar niet lukken.
Is daar een verklaring/een oplossing voor ?
Dank.


Stefan T, 29/03/2006 11:05 (15829) - top
Vreemd, want ik heb het zopas afgeprint, zonder problemen.

steven, 29/03/2006 11:19 (15830) - top
;-)
lievegroeten


lieve, 29/03/2006 17:59 (15852) - top
wow, echt wel superzalige doedelzakken, vooral het "pelsen frakske" en de geitekop vind ik erg tof.
Mooi artikel!


Ariadne*.*, 30/03/2006 14:11 (15865) - top
Zeer toffe reeks.
Ik wacht vol ongeduld op het volgende deel.


Sammy, 02/04/2006 08:48 (15914) - top
voeg commentaar toe... (disclaimer)

Folkroddels Radio
bijschrift
  • I
  • streek: Europa
  • I
  • datum:
  • I
  • genre(s):
  • I
  • website:
  • I
  • email:
  • I
  • aantal malen gelezen: 6164
  • I
  • artnr: 23844
    redactie
  • I
  • wijzig artikel
  • I
  • upload foto
    verwante artikels
  • I
  • De doedelzak in Europa, vroeger en nu (Instrument)
  • I
  • De doedelzak in Europa, vroeger en nu - Deel 2 (Instrument)
  • I
  • De Doedelzak in Europa vroeger en nu - deel 4 (Instrument)
  • I
  • De Doedelzak in Europa vroeger en nu - deel 5 (Instrument)
    mail
    Mail dit artikel naar een vriend...
    Recentste Instrument 
    achterklap
    Mooie videoclip van deze plaat op https://www.youtube.com/watch?v=K1REDX8kMyk ...

    Hallo, Op zondag 25 februari 2018, vanaf 14u, hommage-optreden aan John Lundström in Den Beulebak te...

    Welkom op Sonamos Latinoamerica dan: http://www.folkroddels.be/artikels/53204.html
    ...


    snelnieuws
  • I
  • Fairport Convention
  • I
  • Marco Van Wesemael: Vederlicht // boekvoorstelling
  • I
  • Hide & Seek Festival: Baul Meets Saz (Ind/Turk)
  • I
  • Minyeshu TRIO (Ethiopië)
  • I
  • Hide & Seek Festival: Renaud Garcia-Fons (FR)
  • I
  • Raphaël De Cock & Edwin Vanvinckenroye
  • I
  • Hide & Seek Festival: Justin Vali Trio (Madagascar
  • I
  • Hide & Seek Festival: Clarinet Factory (CZ)
  • I
  • Hide & Seek Festival: Egschiglen (Mongolië)
  • I
  • Hide & Seek Festival: Tiny Legs Tim
  • I
  • Soetkin Collier Trio // gratis concert
  • I
  • Naragonia Quartet– Mira – 2018 – Homerecords
  • I
  • Sinnekloas danst // gratis Baleynbal
  • I
  • GUSTAVO ECCLESIA- ARGENTINA
  • I
  • ROBY LAKATOS ENSEMBLE
  • I
  • 3de Festival "Bals et Roses"
  • I
  • QUEBRACHE ARGENTINE TANGO AND FOLK
  • I
  • DÍAZ/MOLINA GUITAR DUO ‘PAMPA DEL PLATA’ ARGENTINA
  • I
  • DOIMNIC MAC GIOLLA BHRÍDE- IRISH TRADITIONAL
  • I
  • MUSIC FROM CRETE
  • I
  • O CLUBE DO CHORO DE BRUXELAS INVITES
  • I
  • Vishtèn // concert i.s.m. CC Sint-Niklaas
  • I
  • Het Brabants Volksorkest Mazur-Polkadag Herent
  • I
  • Jonas Meersmans
  • I
  • Hide & Seek Festival 2018
  • I
  • SCINTILLA- MUSIC FROM BRAZIL
    © Folkroddels.be 2005 - Contact - Redactie - Disclamer - Webdesign - Sitemap

    des: Arban