De zevende editie van Gooikoorts werd door de organisatoren als jubileumeditie voorgesteld. Daar hebben ze zo hun redenen voor: voorganger Feestival kende 7 edities, 7 is een heilig getal, er zijn nogal wat speciale dingen die rond 7 gebeuren. En vooral, ze hadden er veel zin in om van deze Gooikoorts een knaleditie te maken. En of ze er in geslaagd zijn.
Alles bleek dit jaar mee te vallen voor Gooikoorts: prachtig weer, een mooie affiche met artiesten die het beste van zichzelf gaven, een geslaagde instrumentenbouwersmarkt (gelukkig voor hen bleef het bij 2 buitjes op zondagnamiddag), een tof initiatief met de tweede akoestische concerttent (waar het drummen was om binnen te raken), een verschrikkelijk lekkere catering, en bovenal de gezelligheid van de lange toog en dito gesprekken bij een platte Lambiek of een pittig Duvel onder het Duveldroomschip.
De kop werd afgebeten door meteen een topper van formaat: Flaherty, Munnelly en Masure vlogen er in, hadden er duidelijk veel goesting in en brachten meteen een reeds goed gevulde tent naar een eerste climax. Die bleef aanhouden bij de Franse balfolkers van DJAL. Zelfs een elektriciteitspanne midden hun set kon hen niet van de wijs brengen. Met de nodige flair sprongen de heren van het podium, nestelden zich in het midden van de dansvloer, leenden wat LED-lichtjes van de geluidsmannen en speelden rustig akoestisch verder, omzwermd door enthousiaste Gooikoortselingen. De nacht was nog jong, het droomschip lonkte, en voor enkelen begon de eerste slapeloze nacht van het weekend. Niet zo voor de verwende kampeerders. Een mooie camping vlak bij het festivalterrein (ook voor de caravans en mobilhomes) waar het na het laatste concert stil en rustig was. Meer moet een mens niet hebben.
Stilletjes beginnen op zaterdagnamiddag, zo hadden we gedacht. Dit was naast de jongens van Snaarmaarwaar gerekend. Tot verbazing van de artiesten zat de tent al bijna helemaal vol zo kort na de middag. En niemand van de aanwezigen heeft het zich beklaagd. Een prima set, afgerond op een wel zeer originele manier, waarbij vijf handen dezelfde gitaar bespelen. Il faut le faire. Snel doorlopen naar de kleine concerttent was de boodschap. Een kleinere tent (voor een paar honderd luisteraars), geen versterking, het principe van “vol is vol, zorg dat je op tijd bent” en “eens binnen is het concert uitzitten” het vloeide allemaal samen in een reeks gezellige concertjes. De Noorse Benedicte Maurseth bracht als eerste een aantal mooie deuntjes op de Hardanger viool en Viola de Amore. Meteen werd duidelijk dat dit niet zo’n archaïsche dingen zijn als je eerst zou denken. Ze had er zelf ook plezier in, eens de eerste spanning weg was. Naar ik de volgende dag ook kon zien in de grote tent, heeft ze niet alleen van haar eigen concert, maar ook van vele andere genoten.
Voor het eerst stond er dit jaar een Poolse groep op het podium. Transkapela brengt muziek uit de Karpaten, over de grenzen van Polen, Hongarije, Roemenië¨,… heen. Aparte instrumenten (onder andere een percussie-cello) en melodieën die je niet vaak op onze Vlaamse podia hoort. Het tweede akoestische moment van de dag met Peremans en Roose heb ik aan mij voorbij laten gaan. Ik had geen zin om snel naar de kleine tent te stuiven, en eerlijk gezegd kwam een rustige onderbreking niet ongelegen.
Daardoor waren we goed uitgerust om het eerste hoogtepunt van Gooikoorts 2009 mee te maken. 3 Portugese broers en hun vriend vormen Galandum Galundaina. Prachtige muziek, heel afwisselend, zowel instrumentaal als zang. Het was gewoon schitterend. Zelfs de muzikanten kregen de tranen in de ogen toen ze een overdonderend applaus van een uit zijn voegen barstende tent kregen. Tijd dan voor een aperitief en een lekker stuk beenhesp, onder begeleiding van een enthousiaste bende uit Québec, Belzébuth, die als snel een hele bende dansers rondom het podium van het Duveldroomschip verzamelden.
De legendarisch Bretoense groep Pennoù Skoulm, met ronkende namen als Jean-Michel Veillon, Ronan Le Bars, Christian Lemaitre, Nicolas Quémener en Jacky Molard brachten wat van hen verwacht werd. Waarna de stoelen opzij werden geschoven om plaats te maken voor het bal onder leiding van Balàfond, met ook hier weer grote namen. Het zou trouwens niet het enige optreden van Luc Pilartz en Guido Piccard zijn dit weekend.
Op tijd gaan slapen was de boodschap, want de zondag begonnen ze er vroeg aan. De traditionele mis was dit keer een echte concertmis, opgeluisterd door het mooie harpspel en zang van Alyth McCormack en Triona Marshall. En om de wandeling van de kerk naar het festivalterrein zo aangenaam mogelijk te maken, werden we begeleid door de traditionele belleman en de Fanteyfare. Deze laatsten bleven nog wat verderspelen onder het droomschip, om het aperitief nóg aangenamer te maken.
Wie gedacht had om een rustige zondagnamiddag door te brengen, die was beter midden in het bos gaan zitten. Al vlak na de middag wist GÖZE met rasmuzikanten Wim Claeys en Maarten Decombel (die een abonnement had voor het eerste namiddagconcert dit weekend) en gaste Olle Geris direct een volle tent te lokken. Of ze nu intiem in onze huiskamer of op een podium voor duizend man in Gooik staan, het blijven klassebakken.
Intiemer ging het er aan toe met Sophie Cavez en Balthasar Montanaro in de kleine concerttent, al had een overijverige wesp wat teveel interesse in het oor van de violist. Gelukkig leed het accordeon- en vioolspel er geenszins onder. Uitblazen was er niet bij in de grote tent. Baltic Crossing een bende jonge snaken uit Engeland, Denemarken en Finland hadden ons al aangenaam verrast tijdens de jam op zaterdagavond en brachten een fantastische set. Met een perfecte timing (de plensbui kwam midden in hun optreden, zodat iedereen droog bleef) een enthousiasme om u tegen te zeggen en een gevarieerde set werden ze door iedereen in het hart gesloten.
We kwamen tot rust in de kleine tent met Guido Piccard en Julien Biget.
Het werd in de grote concerttent al snel duidelijk dat er iets groots ging gebeuren. Het podium stond vol met verschillende statieven en instrumenten. 75 jaar podiumervaring vraagt zijn plaats. ’t Kliekske en Kadril, zo verschillend van stijl, en toch zo gelijkend. Mooie muziek, prachtige samenzang, de nodige portie nostalgie voor een aantal toeschouwers. Enfin, meer heb je niet nodig voor alweer een hoogtepunt.
Maar daarmee waren we er nog niet. Grote meneer Liam O’Flynn, zo gecharmeerd door Gooikoorts dat hij er spontaan een T-shirt van aantrok bracht de hele overvolle tent in beroering met zijn prachtige Uillean Pipes. Ik ben zowaar door mijn superlatieven heen, maar kom er dus duidelijk tekort. En ik heb er nog nodig. Het afsluitend bal met TREF, S-TRES en gastmuzikanten Vincent Noiret en Luc Pilartz was van zo’n niveau dat dit allen maar de geschikte afsluiter van een prachtig festival kon zijn.
Maar Gooikoorts komt er natuurlijk niet vanzelf. Honderden vrijwilligers zorgen ervoor dat het een mooi terrein is, dat de camping zijn rol vervult, dat de dorstigen gelaafd worden, dat we drank in echte glazen krijgen, dat er propere toiletten en douches zijn, en zoveel meer. Zonder hen zou Gooikoorts er niet zijn. En vooral, Patrick, Mieke, Patrick, Ingeborg, Patrick, Wouter en Piet. Zeven mensen die voor de zevende keer op rij zorgden dat het af was. Met een onverdroten inspanning en werklust. Van ’s morgens heel vroeg tot ’s avonds heel laat, altijd zag je ze in de weer en helpend waar nodig. Bijna nooit een rustig moment (en als dat er al is, zag je ze soms door vermoeidheid overmand worden). Ik vraag me af of ze wel kunnen genieten van dit festival, zoals die duizenden bezoekers dat doen. Een hele dikke merci aan allemaal.
Afsluiten wil ik doen met de woorden van Liam O’Flynn: Toen we de weide opwandelden zegden we alle vier tegen elkaar: dit is het, zo moet een folkfestival zijn. Gezinnen die rondwandelen, kinderen die spelen, van piepjong tot stokoud, allemaal gezellig bezig. En kunnen optreden in een tent waar je iedereen nog ziet zitten, waar je dicht bij de mensen zit en je ding kan doen. Dit is de manier waarop je traditionele muziek of traditie tout court kan doorgeven.
Gooikoorts, tot volgend jaar.