In tegenstelling tot zijn illustere voorganger Feestival, stopt Gooikoorts niet na 7 edities. Vorig jaar was er weliswaar een spetterende feesteditie, maar die van 2010 mag er ook best wezen. Dit jaar staat opnieuw een instrumentenfamilie centraal in de programmatie. Snaarinstrumenten om juist te zijn. En dat die er in alle maten en soorten zijn, moge volgend programma je duidelijk maken.
Vrijdag 2 juli
De aftrap wordt gegeven door Burdon Folk Band, een groep die een achttal jaar geleden werd opgericht in Oekraïne, en die de mosterd niet allen in eigen land en de Balkan haalt, maar ook verder kijkt naar Noorse, Belgische, Franse en Italiaanse dansmelodieën.
Het balplezier gaat verder met Peut-être Demain, vorig jaar nog winnaar van de Dauphin (eerste prijs in een competitie voor jonge groepen) op het festival Het Lindeboom in Loon-Plage. Vanavond stellen ze hun eerste CD voor. We zagen ze bezig op Het Lindeboom, zowel tijdens de wedstrijd als na de bekendmaking van de winnaar, waar ze het voorprogramma van I Muvrini verzorgden. Klasse te over! Op de persvoorstelling van Gooikoorts gaven ze in beperkte bezetting een akoestisch concert, en eens te meer toonden ze uit welk hout ze gesneden zijn. In elk geval de moeite waard om op vrijdag al naar Gooik af te zakken.
Zaterdag 3 juli
Als eerste zien we op zaterdag Dr Eugène op het Gooikse podium, een verrassende Vlaamse groep die zelfgeschreven muziek brengt met wortels in de traditionele Europese muziek.
Na hen mag het Waalse hommelduo Salon Ambroisine, de kleine tent openen voor een eerste intiem concert. Hun repertoire bestaat uit traditionele stukken die zij vonden in verzamelingen van Waalse spelemannen en uit moderne composities.
Het Janusz Prusinowski Trio uit Polen stelt zich tot doel de muzikale tradities van Centraal Polen verder te zetten. Ze zoeken hun ideeën en inspiratie vooral bij de dorpsmuzikanten. In 2008 wonnen zij met hun eerste CD “Mazurki” de prijs van het beste Ethno Album op de Poolse radio. De rare snaren van dienst zijn viool, hakkebord en baraban drum, een combinatie van bas en drum.
In de kleine tent krijgen we dan de Bretoense gitaarvirtuoos Gilles leBigot samen met de Ierse vioolkunstenaar Gerry O’Connor. Beide artiesten waren al in andere groepen te bewonderen in Gooik een van de voorbije jaren. Nu krijgen we ze in een intieme duo-bezetting te horen.
Ragnhild Furebotten Trio brengt de Scandinavische volksmuziek in haar meest levendige vorm, vol emotie, dynamiek en energie. Voeg daarbij de aanstekelijke opgewektheid van Ragnhild en u weet waarom dit schitterende trio op Gooikoorts staat. Een combinatie van viool, accordeon en basklarinet. Dat kan alleen maar goed zijn.
Dit jaar krijgen we een volledig nieuw droomschip. Wat echter niet veranderd is, is het traditionele intermezzo. Dit jaar wordt dit verzorgd door Bal O’Gadjo, die een nieuw genre hebben uitgevonden: Trad’swing. Benieuwd hoe swingend dit wel zal zijn.
De avond wordt ingezet met het Fred Morrison Trio. Bluegrass op doedelzak, zo kan je hen omschrijven. Fred is een virtuoos op Scottish smallpipes en Uillean pipes, en wordt hier begeleid door gitaar en bodhran. De muziek die ze brengen is een mix van bluegrass, Ierse muziek en traditionele muziek uit de Hebriden.
Traditioneel wordt de zaterdag afgesloten met een stomend bal. Hiervoor staat dit jaar Harakiwi garant. Grote folknamen hier zijn Wim Claeys, Maarten Decombel en Toon Van Mierlo. Zij koppelen hun talenten aan die van 3 jazz muzikanten, Bram Weijters, Joey Magnus en Louis Favre. Ambiance verzekerd, tot in de vroege uurtjes.
Zondag 4 juli
Tradities zijn er om te koesteren en te onderhouden. Zo ook de folkmis op zondagmorgen. Gastmuzikanten van dienst zijn Jowan Merckx en Sarah L. Ridy, die we later in de namiddag nog gaan terugvinden. Hun subtiele muziek met harp en fluiten zal in elk geval voor een warme sfeer zorgen in de kerk.
De namiddag wordt ingezet met het trio Henriksson-Kleemola-Prauda uit Finland. De groep combineert volksmuziek met interpretaties van muziek uit de Barok. Het instrumentarium is er dan ook naar: klavecimbel (jawel, dit moet de eerste keer zijn op het podium in Gooik), viool, barokviool, cister en Finse doedelzak. Het merendeel van de nummers die ze brengen zijn gebaseerd op een handschrift met muziek (veelal polska’s) uit de 17de eeuw. Benieuwd hoe dat zal klinken.
In de kleine tent vinden we ongeveer tegelijkertijd (hopelijk is dit een fout op de website) ook een barokinstrument. De Arpa d’oppia (of barokharp) van Sarah L. Ridy. Samen met Jowan Merckx vormt ze het hernieuwde
Amorroma, nu in duo bezetting. Ze brachten onlangs een bloedmooie CD uit (
Là bas dans ces vallons). Ik had het geluk ze tijdens een huiskamerconcert te mogen horen. Dit is een absolute aanrader. Op tijd bij de kleine tent zijn is hier de boodschap.
Vallarna klinkt misschien wel Zweeds, maar het is een op en top Spaanse groep die muziek brengt uit een traditioneel Castilliaans en Cantabrisch repertoire.
Griebo is misschien niet zo een klinkende naam, maar als je weet dat dit staat voor het duo Tom Theuns en Wouter Vandenabeele, zegt dit waarschijnlijk al veel meer. Het repertoire dat ze brengen is zelfgeschreven en stoelt op traditionele muziek, vermengd met wat ze noemen ‘invallen van het moment’. De invloeden die terug te vinden zijn in hun muziek gaan van Bretoense gavottes tot Johnny Cash, van Indische kinderliedjes tot Afrikaanse reels, van mislukte polka’s tot weemoedige cajun.
Nog meer volk van eigen bodem in de grote tent. Kadril brengt en akoestisch programma (niet simpel voor de peetvaders van de folkrock in Vlaanderen). Ze brengen nummers uit ‘Mariage’, ‘That’s all folk’ en enkele klassiekers. De zangeres Karla Verlie die de zangpartij bij het filmmuziek programma “That’s all folk” voor haar rekening nam, is er deze keer ook bij.
Zes van de bekendste Zweedse nyckelharpaspelers, waaronder Olov Johansson die we nog kennen van Väsen twee jaar geleden op Gooikoorts, vormen Nyckelharporkestern. Ze brengen niet alleen traditionele muziek, maar ook modernere, eigen nummers, waarbij ze het experiment met nieuwe vormen van nyckelharpa niet uit de weg gaan.
De Portugese groep Pe na Terra (voet in de aarde) komt als laatste aan de beurt. Met wortels in de traditionele Portugese volksmuziek, verrijkt met talloze invloeden uit hedendaagse muziekstromingen, past Pé Na Terra perfect in het rijtje van succesvolle ‘moderne’ folkgroepen. Zij staan garant voor een stevige portie dampende ambiance en mogen hiermee Gooikoorts 2010 afsluiten.
Los van de vaste programmatie biedt de organisatie elk jaar een vrij podium aan 4 jonge, opkomende groepen. Ook dit jaar is dit zo. Volgende groepen werden geselecteerd:
Bruwine is een groep uit Waals-Brabant. Ze brengen balmuziek uit Bretagne, Ierland, Zweden en Finland en natuurlijk ook hun eigen Wallonië.
Ambrazar, een jonge bende enthousiastelingen uit Brugge en omliggende, zijn doe-het-zelvers die een unieke soms wat eigenzinnige muziekstijl creëren met zelf gecomponeerd werk vol invloeden uit folk, rock en wereldmuziek.
Altjira (‘droomtijd’ in de taal van de Aboriginals) is een groep uit het Zottegemse die ons wil vergasten op frisse eigentijdse balfolk.
Hekkensluiter van dienst is de Gentse groep Murna. Tijdens de stage vorig jaar hebben ze al een zeer gesmaakt bal gespeeld. Het zijn 4 knappe muzikanten (ik had het genoegen met een paar van hen de samenspelstage te volgen vorige zomer) die eigen, uiterst dansbare nummers brengen.
Muzikaal zit het dus snor voor Gooikoorts. Maar dat is slechts een deel van dit unieke, gezellige festival. Er is een uitgebreide
kinderanimatie, waaraan ouders met een gerust hart hun kinderen de hele namiddag kunnen toevertrouwen. Terug met zijn allen in een grote tent vinden we de
instrumentenbouwersmarkt. Ook dit jaar staan er tal van
initiaties op het programma. Teveel ol hier op te noemen. Je vindt een volledig overzicht op de
website van Gooikoorts. Er is de gezelligheid van het
Duveldroomschip (zoals hoger al aangehaald, een compleet nieuwe versie dit jaar) waar de drank nog in echte glazen geserveerd wordt en waar je oude en jonge bekenden tegen het lijf loopt, en kunt praten en jammen tot de zon terug opkomt. Er is het
restaurant met ter plaatse bereide lekkere gerechten. Er is de
camping vlakbij, en toch ver genoeg om rust te verzekeren. Er is het unieke gegeven in het festivallandschap dat het
geluidsniveau er op gericht is om de luisteraars te behagen, niet om ze oordopjes te laten kopen of de tent uit te jagen.
Boven al zijn er de vele momenten waarop je gewoon kan genieten.
Gooikoorts, je wilt het niet missen.