Home > woord/beeld > Concertverslag > Niriis + Wouter Vandenabeele De Centrale Gent 15/2

> zoek...
> meer zoeken...
 

Niriis + Wouter Vandenabeele De Centrale Gent 15/2
De aanwezigen gaven 'Yorgos Lidakis' & Niriis een staande ovatie en hopen allicht vurig dat dit project nog even voortgaat op de ingeslagen weg (Concertverslag)

 Waar Wouter Vandenabeele op deze aardkloot ook neerstrijkt, uit eigen beweging of in opdracht, hij komt altijd terug met een schat aan nieuwe muziekjes. Hij hoeft niet meer te doen dan ter plekke zijn viool uit de kist te halen. Een paar strijkjes en zijn sirenenzang lokt meteen gelijkgestemden. Binnen de kortste keren leert hij de lokale volks- en folktradities kennen, of het nu Europa, Afrika of Azië betreft, en die cultuurschat assimileert en interpreteert hij dan allegrissimo. Het gebeurt niet zelden dat hij in dat proces een kudde boeiende muzikanten rond zich verzamelt, een ad hoc formatie die hij dan weer meetroont waar men het maar horen wil. Geen concertzaal is dan nog veilig. Want er is weer een volgende uitdaging geboren, een nieuw project, een kruisbestuiving, een métissage, een cross-over.

 

We stellen het enigszins karikaturaal voor maar het is het verst van onze gedachten om daar iets verkeerds aan te vinden. Integendeel: telkens weer verrast de Waaslandse wolf met de vlotheid, het naturel waarmee de confrontatie verloopt, en tevens, niet te versmaden, de kwaliteit van het aanbod. Want het zijn geen pannenkoeken waar hij mee werkt. Deze modus operandi valt te vergelijken met die van Ry Cooder, toch die van de seventies. Je doet Wouter, net als Ry(land), onrecht aan door hem een ‘archivaris’ of ‘muzikale archeoloog’ te noemen: hij bestudeert, inventariseert of reconstrueert niet, maar gaat meteen naar de praktijk, naar de ziel van de muziek, vanuit zijn eigen background en kunnen, maar respectvol tegenover de andere traditie. Het gaat Vandenabeele enkel om de muziek zoals die hier en nu en op deze wijze tot stand komt.

 

Daarom moet je ook zo opletten: even de andere richting uitkijken, en Wouter is weer met wat anders bezig. Als het geen geluidsdrager bereikt heeft (gelukkig gebeurt dat af en toe wel!), is het weer weg. We gaan hier niet alles, heu, inventariseren. Zelfs Wikipedia is wakker geschoten, al staat er (nog) niet alles op. Zo vergeet men de live-cd ‘Metamorf!’ te vermelden, het werk dat Wouter componeerde voor op de opening van de Gentse Handelsbeurs (2003), waar hij het met een uitgebreid internationaal gezelschap topmuzikanten presenteerde. Eén van de deelnemers was Griekse zangeres Savίna Yannàtou. Die had hij vermoedelijk leren kennen via Brugges Festival en ze was ook al van de partij toen Wouter in Athene een groot internationaal project leidde om de in 1994 overleden Griekse componist Manos Hadjidàkis te eren.

 

Het is niet zijn enige link met Hellas: het zat er al even aan te komen dat hij het pad zou kruisen van zijn Griekse tegenhanger, violist Kyriàkos Gouvèndas (‘Gouventas’ geschreven) Die is ook lid van Primavera en Salonica, de groep rond Savina Yannatou. Gouvendas is zo mogelijk nog straffer dan Wouter: geen plaat met Griekse volksmuziek (dimotikà) of hij speelt er ‘violί’ op. Het was dan ook feest toen Kyriakos vorig jaar een workshop gaf in De Centrale in Gent, waar Wouter zowat kind aan huis is. In elk geval heeft Gouvendas’ passage in De Centrale bij de aanwezige violisten, velen ervan leerlingen van Wouter, diepe indruk gemaakt… Dat bevestigde Wouter met zijn gebruikelijke enthousiasme nogmaals tijdens het concert van woensdag 15 februari 2017 in de Kelderzaal van De Centrale.

 

Opnieuw stond hij daar met Grieken. ‘It all started in… France’, zegt hij, zodat de Hellenen hem ook kunnen begrijpen. Hij ontmoette er twee van de drie muzikanten van vanavond. Het trio draagt de naam Niriis, wat ‘nereïde’ betekent. In de mythologie zijn de nereïden dochters van zeegod Nereus. Deze zeenimfen met de blauwe haren begeleidden opperzeegod Poseidon en tijdens zware stormen hielpen ze de zeelui. Niriis nodigde Wouter prompt uit om naar Thessalonίki af te zakken. Allicht speelde het Lorelei-effect. Zoiets moet je Vandenabeele geen twee keer zeggen! Niet onverwacht sloeg ginder de vlam in de pan. Er volgden concerten in Thessaloniki en het mooie Kavala (Noordoost Griekenland) Het optreden van het gezelschap in De Centrale is pas het derde, maar na deze avond valt het te hopen dat het project nog een poos zal duren.

 

De nimfen van trio Niriis wonen dan niet in een zilveren grot op de zeebodem, maar het zijn wel uitmuntende artiesten. Zangeres (en danseres) Katerina Douka komt uit Thessaloniki en heeft haar sporen verdiend in het vertolken van Noord-Griekse traditionele muziek en de rebètiko, die niet enkel in Athene/Piraeus maar ook in Thessaloniki floreerde. De grote Vasίlis Tsitsànis woonde en werkte er lang. Venetsiàna (Veni) Argyrίou is één van de weinige bespelers van de sandoùri (eens te meer: santoùri geschreven), een trapezevormig hakkebord dat iets minder imposant is dan de Hongaarse cembalon, maar de klankkleuren zijn zeer vergelijkbaar. De platliggende snaren worden bespeeld met stokjes. Ze is een onvervalste virtuoze en geeft sandouri-les in de Mousikó Scholίo (muziekschool) van Thessaloniki. Giannis (‘Yannis’ uitgesproken) Karakalpakίdis speelt de akoestische gitaar, waarmee hij sterke ritmische patronen neerzet. Hij zingt niet, maar hij zorgde naar verluidt voor de arrangementen van Niriis. Yannis is dus zowat de ‘concertmeester’, zoals Wouter hem trouwens noemde.

 

Al was het vooral in de start van een nummer soms even zoeken naar mekaar, alles viel altijd netjes in de plooi, alsof ze al jaren met elkaar spelen. Verbazend is hoe Wouter zich aanpaste aan het geheel, al is het allerminst toeval: niet alleen is de Griekse muziek hem stilaan vertrouwd maar ook alle muziekvormen van de streken errond, de noordelijke Balkan, Anatolië, oostelijk Europa is hem vrij goed bekend. Dat helpt bij de assimilatie. De Griekse volkse muziek is immers sterk oriëntaal gericht, veel meer dan de hier populair geworden Griekse muziek heeft doen geloven. Er is niet alleen de bijna vier eeuwen Turkse overheersing van Hellas, er zijn ook de gebeurtenissen uit het begin van de 20e eeuw. De ‘Megàli Katàstrofi’, de ‘Grote Ramp’ van 1922-3, waarbij alle ‘Grieken’ (lees: orthodoxen; velen praatten niet eens Ellinikà) uit Klein-Azië (Turkije dus) naar Griekenland verkast werden, een verhuis van één miljoen mensen (in de omgekeerde richting waren dat heel wat minder ‘Turken’ lees islamieten, onder wie velen die geen Turks kenden) Daar is de huidige stroom vluchtelingen maar peanuts tegen.

 

Die bannelingen brachten hun cultuur en muziek mee, een ideale voedingsbodem voor de muziek van de zelfkanters, de geroemde rebètika, en de iets hoogstaander smyrnèïka. Het was een menselijke ramp, Hellas ging economisch haast overstag (er was internationaal ook de crisis na de bankencrash van 1929!) Wie mutatis mutandis gelijkenissen ziet met onze tijd, ziet dat juist. Voor de cultuur was het echter een boost, op termijn een uitstekende zaak. In Thessalië, Noord-Griekenland, vestigden zich dan nog de Pontiërs, die in dezelfde beweging verjaagd werden vanaf de kusten van de Zwarte Zee, en ze brachten hun eigen (opzwepende dans)muziek mee. De Griekse volksmuziek uit het noorden kenden dan weer de interactie met Albanië, (de Republiek) Macedonië, Thracië, Bulgarije, en hoger (Geen wonder dat de Fransen voor de mix van allerlei groenten de term ‘macédoine’ hanteren!), en dat is voor Vandenabeele vertrouwd werkterrein via o.a. zijn samenwerking met musici uit Istanbul en met Savina Yannàtou & Primavera en Salonica.

 

We zagen Katerina Douka geamuseerd én bewonderend kijken naar hoe Wouter met zijn interventies de oorspronkelijke stijlen benadert en er tegelijk met zwier, elegantie en durf eigen accenten in legt. Het is in de loop der jaren wel meer Grieken opgevallen, maar… die namen, hé? Onze mensen zijn misschien op de sukkel met Griekse ‘epistels’ (zo is Karakalpakidis geen huishoudnaam in Vlaanderen), maar dat is nog niks met de moeilijkheden die Grieken ondervinden met onze ‘onuitspreekbare’ namen. Vele klanken hebben de Grieken niet eens in hun taalrepertoire… Maar voor alles is een oplossing. ‘Wouter’ is een courante naam bij ons, dus moest men er maar een typische Griekse naam over plakken. ‘Vandenabeele’ is al helemaal een klus. Vandaar dat Grieken Wouter ‘Yorgos Ladàkis’ hebben gedoopt, naam die hij met trots draagt, zo bleek.

 

Is de taal een barrière, dan is de muziek dat helemaal niet. Er werd geput uit de rebètika: een viertal minder bekende liederen gespreid over het hele optreden bood een staalkaart. Een rebètiko van Tsitsànis ontbrak daarbij niet. Douka kondigt het humorvol aan als ‘You die slowly’. De ‘Griekse’ ritmes zijn ingewikkeld voor wie in Vlaanderen enkel onze simpele maten gewoon is: een zeïbèkiko (zembèkiko, met zijn ene tel ‘te veel’ voor ons), een chasàpiko, een karsilamà, zijn er dagelijkse kost maar ook andere naburige culturen kennen die grote complexiteit in hun ritmiek. We hoorden eilandliederen, opvallend sierlijker en zwieriger dan de soms wat hoekiger continentale liederen (er is Italiaanse invloed): een instrumentaal lied uit Lesvos (Lesbos) ging over in een al even elegante deun uit Naxos. Er waren wel vaker liederen zonder zang. Douka bespeelde dan niet zelden de vooral bij de zangeressen in de rebètika gebruikelijke zilia (handbelletjes, metalen castagnettes, zeg maar)

 

Natuurlijk mocht de muziek van zigeuners niet ontbreken, mensen voor wie grenzen niet bestaan en liederen overnemen van de volkeren waar ze passeren. In meer noordelijke landen is studie van de gypsy tradities vaak zelfs de enige manier om inheemse liederen uit de vergetelheid te redden. Katerina Douka kan in deze zigeunermelodieën bewijzen welke geweldige zangeres ze is, met de juiste dosis emfase. In het eerste deel zit ook het instrumentale ‘Sedi Donka (Donka zit)’ met zijn complexe maat (‘Twee maal zeven tellen en dan nog een maal elf tellen’, geeft Wouter droogweg aan; je kan ook 25/16 zeggen!) waar een gezongen Bulgaars lied op aansluit. Het deel voor de pauze sluit af met een lied van Bulgaarse gypsy klarinettist Ivo ‘Ibryama’ Papasov, bekend om zijn uitbundige virtuoze feestmuziek (wedding band). Een stuk ‘in zeven tellen’ biedt Yorgos, pardon, Wouter de kans om alles nog eens uit de kast te halen.

 

In het tweede deel gaat het viertal op zijn elan verder. Het gaat zelfs crescendo. Het begint met een Pontische klaagzang, ‘Tin Patrida m’echasa (Ik verloor mijn Vaderland)’, uietrarad een verwijzing naar de ‘Grote Katastrofe’. Wouter leerde het kennen via Mustafa Avsar, de Turkse Gentenaar, die het bekende Muzikantenhuis runt en twee fijne cd’s met Gents-Turkse cross-over op zijn actief heeft. Instrumentaal stuk ‘Mastika’ (of ‘Mastiha’, denkelijk een verwijzing naar een sterkedrank gemaakt van mastiek, hars van het Griekse eiland Chios) is een in Thracië bekend stuk met een (Grieks-)Turks ritme. Wouter preciseert: ‘De Turken noemen het een ‘Thracische karsilamà’, de Griekse naam is ‘Turkse karsilama’’ Hilariteit. We hebben dit wel vaker gehoord, deze zinloze discussie van ‘Het is (niet) van ons’. Vandenabeele voorziet ‘Mastika’ van een lange, fraai uitgewerkte, ritmisch vrije introductie, een heuse ‘taxίmi’ (of zoals de Turken het noemen, een ‘taxim’) Douka verwelkomt Wouters krachttoer met applaus. Ook het volgende is een hoogtepunt: het populaire ‘Lemonià (De Citroenboom)’ wordt door de zang van Douka tot grote hoogten getild.

 

In de volgende, jachtige instrumental laat Veni zich opmerken. Haar interventies zijn altijd tot the point, maar hier kan ze nog meer laten horen tot wat de sandouri in staat is. Het is een stuk uit Ipiros (wat wij Epirus) noemen. Deze landstreek uit het westen van Hellas was altijd eerder afgesloten en heeft dan ook een eigen reeks (muzikale) tradities. ‘They are a bit crazy over there’, klinkt het vanop het podium. Maar dat is slechts een plaagstoot want in Epirus heeft men o.a. van de ‘miroloja’, klaagzangen, een waarmerk gemaakt (klarinettisten Petros-Loukas Halkiàs, Napoleon Damos) Iets voor een volgend project, Wouter? De trits slotnummers zorgt voor een climax: een hora uit ‘Minor Asia’ (versta Turkije) waar Wouter van zegt: ‘We made it a little bit more gypsy’. Heel veel méér gypsy, Wouter! Dan een laatste rebètiko, als we ons niet vergissen ‘To Kalokèri tora (Heden Zomer)’ van Stelios Perpiniàdis alias Stellàkis (1937), en tenslotte het vurige, haast uitzinnige ‘Tutti Frutti’, een uitbarsting van levensvreugde bekend van de film ‘Gadjo Dilo’ (1997), beslist één van de beste films over de Romani zigeuners ooit.

 

Er zijn gelukkig ook nog twee bissen, die Wouter inleidt met een wat vreemde verwijzing: het ‘Timeo Danaos et dona ferentes’ van Romeins dichter Vergilius i.v.m. het Trojaanse paard lijkt geen verband te hebben met het concert. Eerst een haast vertederende ‘chasàpiko voor beginners’. Kyriakos Gouvendas schreef het voor zijn leerlingen en Wouter leerde het kennen op de fameuze stage van 2016. Finaal is er de herneming van ‘Lemonià’, waarbij iedereen zich nog even in de kijker zingt en speelt. Hoeft het gezegd dat de aanwezigen Yorgos Lidakis & Niriis een staande ovatie gaven en allicht vurig hopen dat dit project nog even voortgaat op de ingeslagen dromos (weg)?

 

Antoine Légat.



(Twan)
23/02/2017 06:47

Bookmark and Share
© folkroddels.be
reacties
voeg commentaar toe... (disclaimer)

Folkroddels Radio
bijschrift
  • I
  • streek: Oost-Vlaanderen
  • I
  • datum: woensdag 15/02/2017
  • I
  • genre(s):
    • Mediterraan
    • Balkan
    • Oost-Europees
    • Wereldmuziek
  • I
  • website: https://antoinele...
  • I
  • email: antoine.legat@sky...
  • I
  • aantal malen gelezen: 1240
  • I
  • artnr: 52848
    redactie
  • I
  • wijzig artikel
  • I
  • upload foto
    verwante artikels
    mail
    Mail dit artikel naar een vriend...
    Recentste Concertverslag 
  • I
  • Baul Meets Saz in Arscene op 1/9/18
    (21/09/2018 10:28)
    achterklap
    Mooie videoclip van deze plaat op https://www.youtube.com/watch?v=K1REDX8kMyk ...

    Hallo, Op zondag 25 februari 2018, vanaf 14u, hommage-optreden aan John Lundström in Den Beulebak te...

    Welkom op Sonamos Latinoamerica dan: http://www.folkroddels.be/artikels/53204.html
    ...


    snelnieuws
  • I
  • Naragonia Quartet in Brugge bij Ol da Folk
  • I
  • SELITSIANI REBETIKO TRIO
  • I
  • CONSTANZA GUZMAN-OSMAN MARTINS-JONATHAN DE NECK
  • I
  • TCHA LIMBERGER TRIO
  • I
  • FABRICE DE GRAEF & VALENTINA ANGELINI: MEDITATION
  • I
  • Kepa Junkera & Sorginak in Izegem
  • I
  • Wim speelt " na de oorlog"
  • I
  • ALIREZA GHORBANI
  • I
  • LAS HERMANAS CARONNI
  • I
  • GRUPO PIMENTÓN
  • I
  • SADIG & LUIZ "REUNIÓN" (+ MISTERY GUEST)
  • I
  • BRIGHT BRIDGES & TCHA LIMBERGER // ISTANBUL EKSPRE
  • I
  • İNCESAZ // ISTANBUL EKSPRES
  • I
  • DERYA YILDIRIM & GRUP ŞİMŞEK ++ GAY
  • I
  • KALBEN ++ GÖKSEL // ISTANBUL EKSPRES
  • I
  • Istanbul Ekspres festival
  • I
  • EDA BABA ++ CAN BONOMO // ISTANBUL EKSPRES
  • I
  • MUSTAFA TEKIR & VRIENDEN
  • I
  • AMIR ELSAFFAR'S RIVERS OF SOUND
  • I
  • FEMALE VOICES
  • I
  • LOOKING FOR OUM KULTHUM
  • I
  • ABIR NASRAOUI SINGS OUM KALTHOUM
  • I
  • JAWA MANLA & MODAR SALAMA
  • I
  • JIRAAN 2018
  • I
  • FARAN FLAD - 10 YEARS GROOT JUBILEUMCONCERT ft. Th
  • I
  • THE OLYMPICS Imagine a Paradise …
  • I
  • TÉLAMURÉ Tarantella Roots
  • I
  • MISTURA DE MARES Brazil, Argentina, Spain,Portugal
  • I
  • BERT CORNELIS: SITAR & FABRICE DE GRAEF: BANSURI
  • I
  • Abu
  • I
  • Gravel Unit
  • I
  • BrĂĽder nicht schiessen! - Duwoh
  • I
  • Jaune toujours – Europeana
  • I
  • O CLUBE DO CHORO DE BRUXELAS INVITE NILSON MOREIRA
  • I
  • Jonas Meersmans vrijdag 26 oktober Arenberg A'pen
    © Folkroddels.be 2005 - Contact - Redactie - Disclamer - Webdesign - Sitemap

    des: Arban