Home
> achtergrond > Dansroddel
> Zeg niet zomaar polska tegen een polska
Zeg niet zomaar polska tegen een polska
In ons folkbal-milieu kennen we de polska als een bepaalde dans. Maar oorspronkelijk duidt de term op een muzieksoort in driekwartsmaat.(Dansroddel)
Die onnauwkeurige associatie heeft natuurlijk alles te maken met die van-potverdekke-wie-is-daarmee-begonnen drang om alles te vereenvoudigen, net alsof Vlaamse dansers niet mans of vrouws genoeg zijn om de traditionele vorm(en) aan te kunnen. Indien we nog steeds klompen zouden dragen, zou ik het nog kunnen verstaan, alhoewel !
Laat het ons dus duidelijk stellen: ?De Polska? bestaat niet als een welbepaalde dans met een vastgelegde choreografie. Wel gaat het om een aantal muziektypen in ¾ of daar sterk tegen aanleunend. Ze hebben bijna allemaal gemeenschappelijk dat de eerste en derde tijd van de ¾ maat het sterkst beklemtoond zijn. Afhankelijk van wat er verder binnen de maat gebeurt, kunnen we een aantal vormen onderscheiden.
De eenvoudigste, maar minder frequent voorkomende, is de gelijkmatige polska (jämn polska of sextondelspolska) waarbij elke beat even lang is, en gelijkmatig verdeeld wordt in zestiende noten. Een voorbeeld is deze Polska after Pelle Fors gespeeld door Hedningarna. Meteen ook een voorbeeld waarbij het ¾ ritme niet blijft aangehouden.
De oneven polska (ojämn polska) klinkt wat meer vertrouwd in de oren. Bij deze worden de beats hoofdzakelijk in triolen opgedeeld (triolpolska) of een combinatie van achtste noten en enkele triolen (åttondelspolska). Een voorbeeld van dat laatste is deze Polska fran Rattvik uit de CD Steppin' Out door Footloose.
En tenslotte heb je dan polskas waarbij de beats van de ¾ maat niet even lang zijn, maar, verdeeld in groepen van achtste noten, bestaan uit 2/8+4/8+3/8 (polska med kort etta) of 4/8+3/8+2/8 (polska med lång etta). Je kan dit vergelijken met de hanter dro maat-verdeling, waarbij de ¾ maat meer klinkt als 4/8+2/8. Van de eerste soort is deze Farmors Brudpolska. Wie muziek kan lezen, kan volgen op deze partituur. Ik heb ze geplukt van een website voor Skandinaafse jamsessions in Wenen; een tip voor als je daar eens iets anders wil doen dan naar Strauss gaan luisteren.
Van de muziek naar de dans. Zoals reeds gezegd: ook als dans zijn er verschillende soorten polskas. De eerste vermeldingen gaan terug tot het jaar 1500. Zweden heeft zijn polska revival gekend in de jaren zeventig. Toen zijn er verschillende choreografieën opgedoken waarvan het helemaal niet duidelijk is of ze nu authentiek zijn of niet. Sommigen zijn genoemd naar een dorp of streek, anderen naar personen. Wat er ook van zij, bijna allemaal bestaan ze uit een wandelgedeelte en een draaigedeelte.
Het wandelgedeelte gaat doorgaans als volgt: beide partners hebben elkaar vast om de heup in open promenade, dame rechts van de man. Op beat 1 stappen beiden met het buitenste been naar voor. Ze stappen verder met het binnenste been, maar gespreid over beat 2 en 3. Dit doen ze zolang het de man zint.
Het draaigedeelte is het meest typische, en gebeurt anders dan bij de Hambo. De sequentie is ook verschillend voor de man en de vrouw.
De man zet op de eerste beat zijn linkervoet schuin links naar voor, rechts van de dame, daarbij een kwartslag draaiend in wijzerzin. Op de tweede beat zet hij de rechtervoet naast de linker, maar blijft het lichaamsgewicht op links, daarbij opnieuw een kwartslag draaiend. Op de derde beat plaatst hij de rechtervoet, met verplaatsing van het lichaamsgewicht, tussen de voeten van de dame, en draait hij 180°. Op die manier is de linkervoet vrij om te herbeginnen. Op elke maat moet 360° gedraaid worden.
De dame begint met de rechtervoet op beat 1 naast of ietsje achter de linkervoet te zetten. Op beat 2 stapt ze met de rechtervoet tussen de voeten van de man. Op 3 stapt ze links voorwaarts rond de benen van de man. Afgekort is het voor de man dus links samen rechts, en voor de dame samen rechts links. Het is de man die bepaalt wanneer er wordt gewandeld of gedraaid.
Om het wat aanschouwelijk te maken hebben we een reeks video-fragmenten opgezocht. De vorm die het meest onze manier van doen op een folkbal benadert, is deze van de Polska från södra Dalarna. De andere bekijk je maar om wat variaties te kunnen toepassen:
En als het vrouwvolk van al dat draaien duizelig is geworden, dan stuur je ze maar om een verse pint, en doe je ondertussen wat ze in Bergslagen daarop hebben gevonden: de Gagnsföra
Ik heb met plezier je interessante commentaar op de polska's gelezen. De video's zijn zeker de moeite waard te bekijken. Nu nog hopen dat ze nu en dan op een bal eens een polska spelen. Dit gebeurt veel te weinig. En als er dan eentje gespeeld wordt, is het telkens zoeken (spurten) naar iemand die hem kan dansen.