Home > Interview - te schrappen > Interview > De wondere wereld van Laloy

> zoek...
> meer zoeken...
 

De wondere wereld van Laloy
Interview met de Maestro zelve (Interview)

Dit interview nam ik ongeveer een jaar geleden af van Didier Laloy tijdens een sessie van ongeveer 2 uur. De gelegenheid: de release van zijn nieuwe dubbel-cd S Tres. De tekst is de vrijwel letterlijke vertaling van het hele interview dat in het Frans plaatsvond. Waarom ik het nooit eerder publiceerde? Heel eenvoudig: ik ben er eerst de 'commerciële tour' mee opgegaan: kranten, tijdschriften, enz. Die bleken uiteindelijk helemaal niet geïnteresseerd, waarop ik het artikel, ontgoocheld, helemaal links liet liggen. Naar aanleiding van het recente concert van de maestro in het Marli Theater in Brussel, herlas ik het tijdens een avondlijke treinreis naar huis als een soort warme herinnering aan een - toch wel - intentieve interviewsessie. Ik denk (en ik niet alleen) dat dit interview, net omdat het inhoudelijk goed in elkaar steekt, misschien ook vandaag nog zijn waarde heeft. Aan jullie om daarover te oordelen. Let aub niet op een occasionele typefout. Met een koptelefoon op je kop een halve dag een interview uittypen is geen lolletje en ik ben daar - ruiterlijk toegegeven - niet zo goed in. Veel leesplezier! Kor

Interview met Didier Laloy naar aanleiding van het verschijnen van de dubbel-cd S-Tres

 

Toen de publiciteitsverantwoordelijke van de platenfirma dit project een naam moest geven, heette het plots 'Didier Laloy Solo Project'.  Terwijl ik net het type muzikant ben dat leeft voor en door een groep/band.  Ik heb echt behoefte aan dat contact met andere muzikanten.  Ik wil de communicatie voelen die je bereikt door samen te spelen.  Voor mij is het dus allesbehalve een 'Solo Project'.  Het is wel de eerste keer dat ik een project als dit zelf leidt en het volledig aanstuur, er mijn eigen stempel op kan drukken.  Maar dat lukt alleen omdat anderen hun bijdrage willen leveren.  Ik houd er absoluut niet van om alleen te spelen.  Zelfs 'Version Originale' op de 2de CD, dat ik alleen opnam en dat ik, ondanks de 22 minuten die het duurt, als 1 compositie beschouw, is het resultaat van een uitwisseling met iemand anders.  Met een bevriende dichter in dit geval en is er sprake van uitwisseling van ideeën met iemand anders, waarop ik dan reageer.

 

Je hebt, artisitiek gesproken, een lange weg afgelegd, via een hele lijst muzikanten en bands.  Maar hoe en wanneer ben je eigenlijk muziek beginnen spelen?

 

Eigenlijk speelde ik eerst piano.  Klassieke piano aan de muziekacademie.  Ik was toen 8 jaar.  Mijn moeder kwam uit een erg melomane familie.  Haar moeder spoorde al haar kinderen aan om hun carrière in de muziek te maken.  Mijn moeder speelde fluit en gitaar en studeerde aanvankelijk koorleiding.  Ze leidde een tijdje een koor, maar ging tenslotte het klooster in.  Ze bleef 5 jaar lang als religieuze verschillende koren leiden om tenslotte met het kloosterleven te breken en met mijn vader te trouwen.  Zij kregen samen 3 kinderen waarvan ik de jongste ben. Vlak na mijn geboorte kreeg mijn vader een hersenbloeding waardoor hij sindsdien gehandicapt is. Vanaf toen besloot mijn moeder al haar artistieke activiteiten stop te zetten.  Ze zong niet meer, maar verlangde ergens nog wel stilletjes dat haar kinderen wel een artistieke weg zouden kiezen.  Mijn broer begon met dwarsfluit, mijn zus met viool en ik dus met piano.  Ze wilde dat we het minstens probeerden.  Ik werd voor piano ingeschreven op de academie waar ik eerst notenleer moest volgen.  Dat systeem bestaat trouwens nog steeds, want je moet eerst noten kunnen lezen, voor je aan een instrument begint.  Ik raakte niet door mijn eerste jaar notenleer, maar mocht toch nog een jaartje proberen.  Maar ook dat tweede jaar bleek het niet te gaan.  Toen werd ik van de academie gesmeten, met de mededeling dat ik beter een andere hobby zoals voetbal of basketbal zou kiezen in plaats van muziek, want dat het nooit zou lukken.  Ik was toen 10 jaar oud geloof ik.  Ik bleef ondertussen wel wat op de piano oefenen omdat er thuis één stond.  Maar ik mocht geen les meer volgen.  De reden waarom noten lezen maar niet lukte was achteraf bekeken vrij simpel: ik ben zwaar dyslectisch.  Ik kon me eenvoudig weg niet op al die bolletjes concentreren en tegelijk met muziek bezig zijn.  Wat mij niet verhinderde of remde om muziek te maken. Ik bleek van in het begin vrij snel melodieën die ik ergens hoorde, op het gehoor en uit het blote hoofd na te kunnen spelen.

 

Mijn moeder speelde dan wel zelf geen muziek meer, maar ze organiseerde wel graag feesten, wijkfeesten, verjaardagen, sinterklaas, enz. waarvoor ze dan muzikanten uitnodigde.  Meestal klassiek, behalve één keer. Toen kwam Marianne Uylenbroeck met haar ensemble optreden en zij speelde volksmuziek op accordeon.  Ik moet toen 13 geweest zijn en was sterk onder de indruk van dat accordeon, een eenvoudig diatonisch trekzakske. De accordeon was voor mij voordien totaal onbekend.  In onze familie kwam dat instrument nooit ter sprake omdat het zogezegd geen klassiek instrument is en een andere traditie kent dan de academische.  Zelfs zonder het te vragen kreeg ik de volgende sinterklaas een accordeon.  Mijn moeder zag mijn fascinatie en moet gedacht hebben dat dit de kans voor mij was om toch nog een instrument te leren.  Ze sprak er met Marianne over en die zei dat je om accordeon te leren eigenlijk geen noten moest kunnen lezen. En dus begon ik elke week les te volgen bij Marianne.  En omdat ik dyslectisch was en toch op school niet kon volgen ging ik bij Marianne maandag aardrijkskunde, dinsdag wiskunde, woensdag accordeon, donderdag Frans volgen.  Zij was volgens mij lerares geschiedenis, maar ze had toen geen werk en heeft me volledig opgevangen. Ik ging er vanaf mijn 13de elke dag heen en één keer per week mocht ik dan accordeonles volgen. De accordeonles liep van in het begin heel goed.  Ik volgde ook, ondanks mijn leeftijd, onmiddellijk stages in Neufchateau en Borzée.  Het was voor mij een soort spel.  Ik heb nooit het gevoel gekend dat ik op het instrument moest werken.  Ik speelde nooit toonladders of arpeggio's zoals voor de pianoles. Ik mocht altijd liedjes spelen, wat ik het liefste deed. Ik werd, omdat ik zo jong was, door het toenmalige folkmilieu een beetje op handen gedragen. Toen waren maar erg weinig jonge gasten in folk geïnteresseerd.  

 

Dat ritme volgde ik zowat twee jaar, tot ik op een stage Bruno Le Tron ontmoette.  Er ging voor mij een nieuwe wereld open.  Tot dan toe kende ik alleen de traditioneelste van de traditioneelste accordeonmuziek.  Met Marianne speelde ik vooral het Franse repertoire wals, scottisch, mazurka, bourrée, enz. Bij Bruno ontdekte ik de compositie voor diatonisch accordeon. Zijn stijl was ook compleet anders, veel moderner, ritmischer, misschien zelfs meer 'Rock' en dat sprak me als 15-jarige uiteraard aan. Vanaf toen volgde ik Bruno overal.  Ik volgde twee jaar lang al zijn stages, optredens enz. Waar Bruno zich bevond, was ik ook. Ik probeerde hem minstens één keer per maand te zien.  Andere leeftijdsgenoten hangen hun kamer op hun 16de vol met posters van helden in slipje of bikini.  Ik had zonder zeveren, een foto van Bruno boven mijn bed hangen.  Hij was mijn God, mijn idool.  Ik was een echte fan.  Het grappige is dat ik nu veel met hem mag samenwerken, wat ik nog altijd heel tof vind.

 

Toen ik 16 werd, sprak Marc Malempré, een Waals muzikant en dansleraar, mij aan om zijn danslessen te begeleiden.  Dat waren mijn eerste jobkes als accordeonist.  Hij had toen ook een groep 'Carte Blanche' waarmee we zowat overal gingen spelen: een bal hier en daar, maar ook bvb voor een rondtrekkende modeshow.  Daarnaast begon ik ook privélessen aan kinderen te geven. In plaats van te babysitten, gaf ik accordeonles.

 

Rond die tijd ontmoette je ook Michel Azaïs.  Dat is niet niemand zou ik zeggen?  Hoe is dat gekomen?

 

De ontmoeting met Michel Azaïs was erg belangrijk voor mij.  Opnieuw ging een nieuwe wereld voor mij open: die van het Chanson.  Ik moest plots geen melodieën spelen, maar begeleidingen.  Ik moest andermans muziek dienen in plaats van te soleren, wat ik tot dan toe hoofdzakelijk deed. In de folk blijft het spelen van een begeleiding vrij rudimentair en van echt arrangeren in functie van een liedtekst is zelden of nooit sprake. Michel werd in die tijd door Thierry Crommen op mondharmonica begeleid. Thierry kon niet langer en toen zocht hij naar een begeleiding in dezelfde stijl en met een gelijkaardig timbre. Aanvankelijk probeerde hij het met een chromatisch accordeon, maar dat beviel hem niet zo. Toen kwam hij mij via een gemeenschappelijke kennis op het spoor.  Ik was toen 18 en voor mij was het nogal een beangstigende gedachte in het begin. Die man maakte platen en vroeg mij om hem te begeleiden! Voor mij was dat echt wel indrukwekkend.  Die man ging op tournee en zo. Ik moest dus op auditie komen en hij vroeg mij om 4 ? 5 nummers in te studeren. Ik kwam daar toe in dat repetitielokaal waar de hele band opgesteld stond om het met mij eens te proberen! Voordien speelde ik alleen in duo of trio. Ik moet Michel nog steeds dankbaar zijn omdat hij mij toen die kans bood.  Zonder die 'chance' had ik vandaag nooit zo ver gestaan als nu.  Waneer ik terugblik, lijkt wat ik toen deed allemaal zo klein en onbeduidend, maar het betekende wel degelijk een kentering in mijn leven.  Michel leerde mij trouwens om nieuwe dingen die op me afkomen zonder meer te aanvaarden.  Wanneer iemand me vandaag vraagt voor zijn of haar plaat en ik ken het repertoire helemaal niet, durf ik de opdracht zonder meer te aanvaarden.  Toen twijfelde ik er erg aan of ik zijn repertoire wel aankon.  Hij forceerde me toen een beetje, zonder mij te willen bruskeren, om toch verder te gaan en dat betekende een grote stap voor mij.  Die schrik heb ik niet meer.

 

De volgende grote stap lijkt me je start bij Pantha Rhei? Steve Houben die jou als jong accordeonist rekruteert voor zijn nieuwe project?

 

Dat was een ongelooflijk indrukwekkend moment.  De geruchten deden in het folkwereldje al een tijdje de ronde dat Steve Houben en Luc Pillartz een folkband zouden stichten met alleen de beste professionele muzikanten.  Ik was toen net 19 geloof ik.  Luc en Steve waren echt grote namen voor mij.  In het begin liep het trouwens niet allemaal van een leien dakje.  Panta Rhei speelde veel balkanmuziek met erg asymetrische ritmes in 7/8 of 9/8 enz.  Dat kende ik totaal niet.  Ik durfde trouwens in het begin niet op alle nummers meespelen.  Ik dacht dat ik het nooit zou kunnen.  In onze traditionele repertoires komen dergelijke rare ritmes nooit voor en plots moet je Astrid Walz uit Zweden spelen, met die speciale polska kadans erdoorheen. Ze hebben toen erg veel geduld met mij gehad.  Pantha Rhei is trouwens de band die het voor mij mogelijk maakte om op mijn eigen benen te staan.  Ik speelde regelmatig en werd goed betaald.  Ik huurde samen met een vriendin een kelderwoning ergens in Brussel voor ik geloof 7000 BEF per maand.  Wat ik nauwelijks kon ophoesten, maar toch deed.

 

Wilde je dan echt weg thuis?

 

Ik denk dat het een samenloop van omstandigheden is.  Ik had toen een vriendinnetje en we trokken van hier naar daar.  De ene nacht sliepen we bij mijn ouders, de volgende bij die van haar.  Op een gegeven ogenblik wil je dan je eigen stek.  Mijn broer en zus zijn ook op 18 weggegaan.  We hadden een beetje een autoritaire moeder denk ik.  Ze zette ons wel aan om zaken te ondernemen, maar ze was wel strikt.  Ik heb nooit de indruk gehad dat ik een moeilijke jeugd zou hebben doorgemaakt.  Integendeel, ik heb veel mooie herinneringen aan thuis, maar ik ben wel erg streng opgevoed.  Papa was gehandicapt, ze hadden 4 kinderen, dus moest ze wel enige gestrengheid handhaven om het allemaal voor elkaar te krijgen.

 

Wat leerde je bij  Pantha Rhei?

 

Ik werkt voor het eerst met arrangeurs.  Die mensen hadden daarvoor gestudeerd.  Ze kwamen van de eerste keer met een uitgeschreven partij en zetten die dan voor je neus.  Ik kon als enige geen noten lezen.  Dus moesten ze mijn stem eerst voorzingen.  Aangezien het soms erg complexe arrangementen waren, duurde het zo wel een tijdje voor ik kon volgen.  Het was niet gewoon ABABAB en tenslotte C.  Er zaten maatsprongen in, bridges enz.  Het was en is nog steeds een schitterende school voor mij.  Ik voelde me opnieuw erg klein.  Overal waar ik kom, voel ik me zo nietig tegenover al die echte muzikanten die noten kunnen lezen en die muziek kennen.  Het komt quasi nooit voor dat een andere muzikant ook geen noten kan lezen.  Ik voel me steeds de mindere muzikant.  Een ander probleem ten overstaan van andere muzikanten is dat ik me helemaal geen artiest voel.  Ik denk dat dat komt omdat ik uit zo'n artistiek nest kom waar zoveel mensen met kunst bezig zijn.  In onze familie zijn verschillende muzikanten, dansers, toneelspelers, enz.  Bovendien is mijn vader bankier en ik voel me erg met hem verwant.  De beleving van wat ik doe, lijkt meer op de manier waarop hij met de zaken omgaat.  Ik heb een doel en werk daar naartoe.  Ik voel me zelfs alles behalve artiest.  Ik geef eerder richting aan een carrière.  Op een podium beleef ik best wel intense momenten, maar voor de rest verloopt het allemaal nogal planmatig.  Ik volg een carrièrepad.  Dat lijkt soms paradoxaal en ik heb daar zelf ook wel eens problemen mee omdat ik daardoor me niet altijd kan laten gaan in mijn creatieve plannen.  Soms is dat best wel eens lastig.  Raar genoeg vindt mijn vader wat ik doe maar niets.  Toen ik op een dag opperde dat ik mijn carrière in de muziek wilde maken, keurde hij dat af.  Muziek is geen vak.  Ik moest iets serieus studeren en carrière maken.  Op en dag maakte hij een grappige opmerking over mijn bezigheden.  Hij vertelde me dat hij de zoon van een zakenrelatie ontmoette die volgens mijn vader, ongeveer hetzelfde deed als ik.  Toen ik hem vroeg wat die zoon dan wel deed, antwoordde hij dat die vrachtwagenchauffeur was.  Voor mijn vader werkte die jongen, net zoals ik, ook 's nachts en verrichtte hij evengoed een soort middelmatige handenarbeid.  Voor mijn vader was dat dus hetzelfde.

 

Op dat ogenblik speel je eigenlijk al vier stijlen: traditionele folk, wat modernere folk, chanson en orkestrale muziek van Pantha Rhei die voor het genre folk een echte ?eye opener? is gebleken.

 

Alleszins in Wallonië.  We kregen binnen het folkmilieu best wel veel kritiek te slikken.  De band bestond hoofdzakelijk uit klassiek geschoolde professionals die heel precies en heel juist konden spelen.  Voor de folkies was dat te 'clean'.  Zij verweten ons zielloze muziek te maken.  Maar we bereikten op die manier wel heel veel mensen die nooit naar folk luisterden.  Persoonlijk houd ik ook erg van een wat ruwere en valsklinkende viool zoals die veel in het genre voorkomt.  Maar je mag niet vergeten dat beginners zoiets nauwelijks kunnen appreciëren.  Pantha Rei speelde juist en strak: Bigbandfolk.  Maar vergeet vooral niet het belang van Steve Houben die zijn naam aan dit project verbond.  Voor velen was het een vorm van snobisme om die muziek te kunnen ontdekken.  Hoe dan ook werden ze door die muziek geraakt. Voor mij heeft Urban Trad vandaag een gelijkaardige functie als Pantha Rhei 10 jaar geleden. Omdat het een manier is om een ander publiek in contact te brengen met Folk.  Het is opnieuw een vulgarisering van het genre.  Ik hoop dat Urban Trad mensen ertoe aanzet ook verder naar dit soort muziek te luisteren en ook moeilijkere zaken eens te proberen.  Het is een venster op de folk dat je achteraf kan openmaken om het landschap erachter te ontdekken. Uiteraard zullen er evengoed veel mensen niet verder gaan, maar als het voor een paar lukt, ben ik al tevreden.

 

Ik heb de indruk dat tot aan Pantha Rhei je carrière vrij vlak verloopt: je begint bij Carte Blanche, vervolgens begin je bij Azaïs en dan is het Pantha Rhei.  Na Pantha Rhei zijn er meer vertakkingen en lijk je uit te waaieren naar naar verscheidene muziekvormen.

 

Dat komt omdat ik via Pantha Rhei heel veel mensen leerde kennen. Tot dan toe speelde ik vooral in het folkmilieu met al eens een uitstap in de wereld van het chanson. Met Panta Rhei speel je concerten voor een zittend publiek in chique zalen.  Daardoor kom ik bvb de bassist van Piccalilly tegen die wel eens jazz wil mengen met folk.  Of Garam Masala van Philippe Chapelle die echte fusion muziek maakte.

 

De sterkste groep waarmee ik je tot nu toe aan het werk zag is Trio Trad.  Ik begrijp wel dat jij, Luc Pillartz en Aurélie Dorzée elkaar in Pantha Rhei leren kennen, maar ik heb toch de indruk dat het deze keer verder gaat dan alleen een simpele ontmoeting.

 

Trio Trad ontstond uiteraard uit Pantha Rei.  In het begin ging ik bij Luc (Pilartz) en Aurélie (die samen een huis delen) om de nummers in te studeren.  We vonden eigenlijk dat wat er zo onstond eigenlijk niet bij die laboratoriumsituatie kon blijven.  We vonden dat het zo sterk dat we een heel eigen repertoire instudeerden, los van Pantha Rei.  Voor mij is Trio Trad de kern van vele dingen.  Je kan er een paar muzikanten om heen bouwen en je krijgt een andere groep.  Maar op zich is het meer dan sterk genoeg.  Het is eigenlijk heel simpele muziek, traditionele nummers in brute vorm, weinig gearrangeerd.  Luc draagt de nummers aan en zijn keuze maakt de kracht van Trio Trad.  Die melodieën zijn buitengewoon sterk en hebben vaak een indrukwekkende staat van dienst.  Sommige zijn enkele eeuwen oud.

 

Dan heb je de fantastische groep Tref, de groep die verleden jaar de Klara-publieksprijs won.  Drie accordeonisten met visie: naast jezelf, Wim Claeys (Ambrozijn) speelt ook jouw,ondertussen wat ouder wordende God, Bruno Le Tron mee

 

Tref is zonder meer een groep die erg goed draait.  Van de eerste CD verkochten we meer dan 5000 ex..  Vandaag is dat een enorm cijfer voor een groep die alleen accordeonmuziek brengt.  Bovendien is het een groep waarin ik me muzikaal kan uitleven.  Net zoals bij Pantha Rhei of Trio Trad is het telkens weer een groot avontuur om met Tref op een podium te staan.  Het zijn allemaal muzikaal gesproken erg sterke groepen.  Maar er is wel een verschil.  Bij Trio Trad en Pantha Rei leef ik me muzikaal gezien het meeste uit.  Bij Tref is de podiumervaring doorslaggevend.  Het gaat om een repertoire dat ik al erg lang beheers.  De nummer van Bruno speel ik al een jaar of 10.  Bij Tref ben ik het gelukkigst op het podium.  Ik hoef niet meer na te denken.  Die muziek is niet zo beladen als bij Trio Trad of minder intellectueel dan bij Pantha Rhei.  Maar het is absoluut een heel toffe bende en ik speel die muziek doodgraag.  Ik kan bijwijze van spreken op het podium rondrennen, het publiek vermaken met mijn bindteksten en dat alles terwijl ik speel.  De groep loopt ook fantastisch.  Vanaf november 2004 vertrekken we voor een tournee van 50 optredens langs de belangrijkste zalen van Frankrijk.  Dat is het resultaat van een eventsbeurs waar we voor een publiek van organisatoren 1 keer mochten optreden.  De Belgen veroveren Frankrijk met Franse muziek. Ongelooflijk eigenlijk.  Het is ook een vernieuwende groep.  Je hebt het visueel erg aantrekkelijke aspect van die drie accordeons op scène en dat de muziek zelf die louter uit nieuwe en eigen composities bestaat.

 

Bij de nieuwe plaat van S ? Tres vind je opnieuw een aantal elementen van vroeger terug.  Je speelt met Fred Malempré, uit Tref en met Pascal Sardome uit Pantha Rhei.  Die banden gaan verder dan het puur muzikale?

 

Het zijn vrienden.  Fred ken ik al zo lang.  Sinds Carte Blanche, mijn eerste muzikale ervaring met een groep.  Pascal ken ik nog maar 4 jaar.  Maar S-Tres is vooral een toevalstreffer.  Erwin Libbrecht (Wildboar Music) stelde me ongeveer 2 jaar geleden voor om een eigen CD op te nemen.  Ik werk heel hard, maar ik ben tegelijk ook erg lui.  Als ik thuis ben doe ik niet veel met mijn instrument.  Daarom heb ik altijd iemand nodig om mee samn te werken. In die tijd werkte ik erg veel met Laïs.  Fritz Sundermann, de gitarist van Laïs, stelde voor om samen met hem iets op te nemen.  Hij heeft een homestudio en speelt fantastisch op allerlei gitaren.  Hij wilde rond mijn nummers een aantal opnames plannen.  Tussen de concerten en repetities door namen we samen, een maand lang, een hele plaat op.  Maar toen we het album aan Erwin voorlegden, was die helemaal niet enthousiast.  Fritz en ik waren erg ver gegaan.  We combineerden allerlei geluiden van huishoudtoestellen en loops met mijn accordeon.  Maar de releasedatum van dat album en de releaseconcerten lagen al vast.  Omdat we op dat ogenblik dus geen plaat hadden, liep de zaak wat uit de hand.  Fritz en ik waren ook wel ontgoocheld.  We dachten een tijdje om die plaat bij een andere platenfirma uit te geven, maar we begrepen al snel dat zoiets niet van een leien dakje loopt.  Al bij al is dit geen evidente muziek.  Maar de eerste concerten kwamen er wel al aan en dus moest er een oplossing komen.  Toen vroeg ik Pascal en Fred of ze bereid waren om dit repertoire heel snel in te studeren en een aantal concerten te spelen.  We zagen elkaar om 3 uur 's middags, namen het repertoire door en 's avonds speelden we ons eerste concert.  We vonden dat alle drie magie.  We reperteerden eigenlijk nooit voor dit project.  Ik schreef het repertoire, bezorgde Pascal de accoordenschema's en that's it.  Ik wilde wel van in het begin de richting die ik met Fritz was ingeslagen verder volgen.  Ik wilde donkere, heftige muziek maken, niet te lichtvoetig, niet te intellectualistisch, musique brute, grotendeels gebaseerd op improvisaties.  We speelden al bij al twee concerten en trokken vervolgens de studio in voor een pre productie.  Het resultaat legden we aan Erwin voor, die deze keer wel toe stemde.  Vervolgens repeteerden we nog één keer en daarna namen we de plaat op.  Voor de releaseconcerten zullen we exact het programma van de plaat spelen, op één moment na.  Die vrijheid willen we houden.  Wat er dan gebeurt zal toeval zijn, zonder afspraken, pure improvisatie.  Free Folk!  We willen de energie die tot het ontstaan van S ? Tres leidde op die manier behouden.  De keuze om met Pascal en Fred een CD te maken, is ook puur artistiek.  Ik denk muziek heel ritmisch net zoals zij. 
 

En de toekomst?

 

Eerst komen er nog twee releaseconcerten en dat is voor dit jaar alles wat er nog bij kon, gezien de voorrang die ik aan Urban Trad dit jaar nog geef.  Het management van Urban Trad vraagt aan alle muzikanten om in de toekomst onvervangbaar te zijn.  Ik ben voorlopig nog de enige die de spreekwoordelijke uitzondering op die regel vormt omdat ik bvb voor Trio Trad pas echt onvervangbaar ben.  De keuze wordt beperkter sinds onze Eurovisiesong-perikelen.  Het beeld van de groep dat toen op de televisie kwam, moet zo veel mogelijk het beeld van de band op scène zijn.

 

Sinds je bij Laïs en Urban Trad speelt, ben je pas echt in het populaire genre terecht gekomen.  Dat is zowat het omgekeerde van een intimistische combo zoals S-Tres?

 

Dat echt grote werk kende ik al voordien toen ik met Marka, onze Waalse popzanger bij uitstek, werkte.  Marka was een echte vedette toen hij me contacteerde om voor hem te werken. Opnieuw ging een nieuwe wereld voor me open.  Na Marianne Uylenbroeck, Marc Malempré, Michel Azaïs en Pantha Rhei, vergde werken met Marka opnieuw een totale aanpassing.  Alleen al het comfort van een groot event waar een heel legertje knechtjes je instrument op het podium draagt, je microfoons afstelt en achteraf alles weer netjes in je wagen laadt.  Ik kwam uit het bruinefolkkroeg-circuit, waar alles misliep en je alle problemen zelf moest oplossen.  Die wereld was echt nieuw voor mij.  Zeer aangenaam bovendien.  En dan het publiek dat al die songs meebrult, die komen om Marka te zien, terwijl ze elke noot van hem al kennen.  Geen grotere tegenstelling met een folkpubliek dat naar een concert gaat om iets nieuws te horen of om een avond met vrienden en kennissen te dansen.  Bovendien kreeg ik als accordeonist de ruimte.  Ik was de enige muzikant die mocht soleren.  Laïs en Urban Trad kwamen pas later.  Laïs beschouw ik trouwens absoluut niet als een populaire rockband.  In vergelijking was optreden met Marka wel tof en vooral fun, maar het was nooit echt mijn muziek.  Als Laïs begint te zingen, vooral a-capella, krijg ik nog altijd kippenvel.  Ik was ook helemaal weg van hun eerste cd en vond het een hele eer om voor hen te mogen werken..  Maar ik kende de band Laïs niet als een populair fenomeen, wat ze in Vlaanderen wel , maar in Wallonië helemaal niet zijn.  Ik kende Laïs vooral als mijn favoriete muziek.  Ik ben ook erg blij dat ik aan hun nieuwe cd mag meewerken, hoewel ik soms schrik heb om aan hun muziek iets toe te voegen.  Het is zo perfect met die stemmen alleen.  Die fragiliteit moeten ze weten te bewaren.  Zoals ze volledig terecht, met die a-capella tournee eerder dit jaar al deden.  Het is OK voor Laïs om met een rockbezetting op te treden voor een groter publiek, maar de roots, de kern van hun muziek is en blijft vocaal zonder meer.

En Urban Trad?

Dat is een ongezien fenomeen.  Ik merkte dat pas toen ik op straat werd aangesproken door mensen die me om een handtekening vroegen.  Voor een accordeonist, die gewoon bourrée's en schottisches speelt om op te dansen, is zoiets gewoon surrealistisch.  Ik had nooit gedacht dat ik ooit op zoiets als het Eurovisiesongfestival zou spelen.  Maar het ongeloofelijkste was dat we vertrokken als de zoveelste Belgenmop in wording en dat we terugkwamen in Zaventem als de Rode Duivels in persoon.  Iedereen kende ons.  De mensen stonden daar met Belgische vlaggen.  Ongelooflijk.  We hadden wel verwacht dat we ooit zouden doorbreken.  Eurovisie bestemde die lancering voor, maar dit overtreft toch wel elke verwachting.  Zelf dachten we dat we ergens in de middenmoot zouden eindigen: 15de of 20ste, niet laatste uiteraard.  Toen de puntenverdeling begon, luisterden we gewoon niet.  Toen we zowat aan het winnen waren, wilde ik ook echt winnen, zo zit ik nu eenmaal in elkaar.  Voor de individuele carrière van de muzikanten was die tweede plaats de beste denkbare oplossing of interessanter, voor de doorbraak van de groep was winnen eigenlijk het beste geweest.  Voor mij betekent die tweede plaats dat ik naast Urban Trad nog andere dingen kan doen zoals S-tres of Trio Trad.  Urban Trad is voor mij de grote vitrine voor de Belgische Folk.  Urban Trad maakt ook andere initiatieven mogelijk.  Toen ik met S-tres afgelopen zomer op het Festival in Huy speelde, stond Urban Trad een paar dagen eerder op dat zelfde festival, maar in een veel grotere zaal.  Het gevolg van dat eerste concert was dat S-Tres uitverkocht was.  De mensen wilden zien wat de accordeonist van Urban Trad nog in zijn mars had.  Voor mij is het nu van fundamenteel belang dat we met Urban Trad ook andere aspecten van de folk aan het groot publiek leren kennen.  We spelen nu ook, tijdens sommige concerten al wat puurdere folk: accordeon, fluit, viool.  Yves Barbieux voelt trouwens zelf die behoefte.  Tijdens de zomerfestivals moesten we het publiek echt platspelen met het stevigere werk en kwamen die subtielere zaken minder aan bod.  Maar binnen het programma van onze wintertournee in het zalencircuit, doen we dat dus wel.  Als we erin slagen om dat spreekwoordelijke grote publiek dat mee te geven en daarvan te laten genieten, staan we waar we moeten staan.

 

Version originale

 

De dubbel CD die nu uitkomt, bevat enerzijds de plaat met het trio S-tres en anderzijds een tweede CD waarop ik mijn zin doe.  S-tres is met andere woorden het commerciële alibi voor die tweede plaat (lacht). Version Original wilde ik al een hele tijd opnemen.  Ik wilde me eens volledig uitleven.  Niet meer braafjes een melodietje spelen, maar gewoon de noten die me raken.  De afgelopen vier jaar ging het met mij op persoonlijk vlak niet al te schitterend.  Mijn moeder, die altijd erg op haar kinderen woog, overleed onverwachts.  Plots voelde ik me als een trapeze acrobaat die tijdens de salto mortale zonder vangnet de uitgestoken hand van zijn collega mist.  Ik voelde de instinctieve behoefte om die jaren op een positieve manier van met af te zetten.  Omdat ik dat niet met woorden kon, maar wel met muziek, is Version Originale het resultaat van dat verwerkingsproces.  De basis van Version Originale is de melodie Mort à la grande roue dat je ook op de S-tres plaat terugvindt, maar ook in een remixversie.  Het is het Leitmotiv van deze plaat.  Mort à la Grande Roue vertelt het verhaal van een kind dat sterft op een kermis.  De kermis is de metafoor voor de maatschappij en de dood van het kind, mijn eigen dood, de dag dat mijn moeder overleed.  Het kind moet sterven omdat het volwassen wordt.  Iedereen vermoordt op een dag het kind in zichzelf en dat is een erg pijnlijk proces, niet alleen voor mij.  Dat proces moet iedereen alleen doormaken.

Tijdens die 22 minuten vertel ik wat dat proces voor mij  betekende.  Aan de ene kant is het een zwartgallig verhaal, want het gaat over de dood, maar aan de andere kant zitten er ook veel mooie jeugdherinneringen in en ook een liefdesgeschiedenis.  Het gaat daarbij minder om citaten van muziek uit mijn jeugd, maar eerder om een pure aaneenschakeling en verbeelding van herinneringen, sfeerbeelden.  Je kan Version Originale dan ook alleen begrijpen als je het in zijn totaliteit beluistert.  Na Version Original voel ik me een heel stuk beter.  Om Version Originale te kunnen realiseren, gezien mijn aangeboren luiheid, werkte ik samen met de dichter en zanger Tangui Thovéron, die in een wereld leeft die ook heel erg de mijne is.  Hij schreef voor mij een verhaaltje gebaseerd op mijn herinneringen.  Hij schiep wat orde in mijn gedachten en vervolgens probeerde ik via zijn vertelling mijn verhaal te vertellen.  Hij was mijn gids.  Zijn tekst zal niet in het cd-boekje worden opgenomen om de luisteraar onbevooroordeeld te laten luisteren naar die toch al complexe muziek.

 

En de remixes?

 

Ik wilde al een hele tijd met Fritz samenwerken die van achter zijn pc een klankuniversum bestuurt dat ik erg apprecieer.  Die tracks vormen samen een soort sonore speeltuin voor ons twee.  Ik denk dat dit deel van de dubbel-cd mij het meeste kritiek zal opleveren.  Maar dit is heel simpele muziek, die geen vragen stelt, gewoon amusement en zo ben ik ook.  Ik breng op deze dubbel-cd drie erg uiteenlopende muzikale stijlen samen.  Dat doe ik minder omdat ik niet kan kiezen, maar wel om te tonen wie ik allemaal ben, muzikaal gesproken.  In het leven van vandaag maak ik dergelijke afgemeten artistieke keuzes evenmin.  Ik heb gewoon die muziek van mezelf gekozen die ik zelf het leukste of het beste vond.  Dat is alles wat ik erover kan zeggen.

 

Je zei al eerder dat je je muzikale carrière echt aanstuurt vanuit bepaalde doelstellingen.  Waar wil je over nu en 5 jaar staan, muzikaal gesproken?

 

Dat is heel eenvoudig.  Ik zou willen stoppen met muziek.  Ik wil een rustiger leven en niet meer van hot naar her rennen om drie of vijf concerten per dag te spelen.  Ik geniet van mijn leven als muzikant wanneer ik optreed.  Ik ben erg intensief met mijn vak bezig, ga volluit voor de projecten die ik aanvaard.  Maar anderzijds besef ik maar al te goed welke prijs ik daarvoor betaal.  Ik mis enorm mijn familieleven, mijn vrouw, mijn kinderen.  Het evenwicht is zoek, waardoor het leven naast de scène hels is.  Ik denk niet dat ik ooit in staat zal zijn om volledig te stoppen met optreden.  Optreden geeft je een kick en dat is een drug waaraan je op den duur verslaafd raakt.  Maar ik zou wel eens een jaartje niet meer willen optreden.  5 goedbetaalde concerten per maand lijkt ideaal met daarnaast de ruimte om te componeren en thuis te zijn met de kinderen.  Ik wil ook erg graag weer het plezier van het alleen spelen voor mezelf terugvinden dat nu zoek geraakt is in mijn drukke agenda.  Ik zoek alleszins een nieuw evenwicht in mijn leven en dat is was ik ik over 5 jaar echt zou willen bereiken.



(knorrie)
18/02/2005 21:11

Bookmark and Share
© folkroddels.be
reacties
Mooi werk ... Da's pas een interview ... :-)

Séba-31, 19/02/2005 12:27 (5119) - top
Kor, nog van dat. Dergelijke artikels geven een extra dimensie aan Folkroddels die we alleen maar kunnen toejuichen.

steven, 22/02/2005 09:54 (5189) - top
Deze nacht" van 3op 4juli heb ik voor de eerste maal jou muziek gehoord op La deux televisie ,en nu las ik dat je stopte!
Zo veel genoten!en weinig geslapen!2 maal heb ik je gehoord!
Want ze zonden het concert vanuit Huy uit met Lais en Perry Rose enz
Wonderlijke muziek!
ik koop de cd en dvd
onderwijl rust jij nu maar een tijdje uit!
Tot ooit Laloy!love you
Angela uit Antwerpen
Mag ik je ooit nog life horen!!



AFR (Anonieme Folkroddelaar), 04/07/2005 13:18 (8378) - top
voeg commentaar toe... (disclaimer)

Folkroddels Radio
bijschrift
  • I
  • streek: Wallonië
  • I
  • datum:
  • I
  • genre(s):
    • Pan-Europees
  • I
  • website: www.didierlaloy.be
  • I
  • email:
  • I
  • aantal malen gelezen: 4598
  • I
  • artnr: 9156
    redactie
  • I
  • wijzig artikel
  • I
  • upload foto
    verwante artikels
  • I
  • Trio Trad (Groep Benelux)
  • I
  • Didier Laloy invite ... S (foto-reportage)
  • I
  • FOLK ON AIR (Folk in andere media)
  • I
  • CD and DVD live at ?Festival d?Art de Huy? (DVD/Film)
  • I
  • Trio Trad - Made in Belgium (CD)
    mail
    Mail dit artikel naar een vriend...
    Recentste Interview 
    achterklap
    Mooie videoclip van deze plaat op https://www.youtube.com/watch?v=K1REDX8kMyk ...

    Hallo, Op zondag 25 februari 2018, vanaf 14u, hommage-optreden aan John Lundström in Den Beulebak te...

    Welkom op Sonamos Latinoamerica dan: http://www.folkroddels.be/artikels/53204.html
    ...


    snelnieuws
  • I
  • Balfolk Breda (midsummer's dances)
  • I
  • BENEFIETCONCERT MET SANGHAR SUHAIL & SARA RASULI
  • I
  • The American Roots Session
  • I
  • Renaud Garcia-Fons Trio
  • I
  • TRIO DAEMS-LELEUX-QIZILBASH
  • I
  • SAM SAM TROEF!
  • I
  • MANSUM IBRAHIMOV & THE QARABAGH MUGHAM GROUP + BÜL
  • I
  • PICEA ORIENTALIS ★ SANGPUY + WOUTER & BAO
  • I
  • LAÏLA AMEZIAN & LES SHEIKHS SHIKHATS
  • I
  • NİLİPEK.
  • I
  • LES FATMAS DE BELGICA & HET BOHO STRINGS QUARTET
  • I
  • CONTINUO ONBEGRENSD
  • I
  • ON STAGE
  • I
  • GLOBALICIOUS #05 W/ AMERICO BRITO & NIC BALTHAZAR
  • I
  • ALLEZ, CHANTEZ!
  • I
  • ARABISCH-ANDALUSISCHE MUZIEK LEZING MET JOHAN VAN
  • I
  • BOOMBAL GENT met The Bazz Explosion & Naragonia
  • I
  • BOOMBAL GENT
  • I
  • Fanteyfare Tune Learning Session
  • I
  • SANO
  • I
  • Damast Duo - Safar
  • I
  • LES CONTES D'ALFONSINA- MANOUCHE
  • I
  • DUO DELICADO: RUI SALGADO & SYLVAIN BOISVERT-CHORO
  • I
  • Eygalerij - Walter Bruneel in Muziekclub 't Ey
  • I
  • GOVINDA GOSWAMI & MANI SHANKAR INDIA SITAR & TABLA
  • I
  • LOS INAUDIBLES & SILVIA ABALOS- TANGO
  • I
  • SWING JAZZ LE LOUP JAZZ BAND FEAT. MARTIN SALEMI
  • I
  • STEVO & DEREK
  • I
  • PICEA ORIENTALIS - TRY OUT
  • I
  • I RE SALTATI pizziche, tammuriate & tarantelle
  • I
  • DON KAPOT | ACHTERHAM SESSIONS 2019 #02
  • I
  • LES GOÛTS DE GAND '19 GRATIS FESTIVAL IN DE MACHAR
  • I
  • RACHELE ANDRIOLI & ROCCO NIGRO Maletiempu
  • I
  • THE CHAI CONNECTION 3 heren van stand, met strings
  • I
  • KOSMO SOUND ★ SEEKAMAN ★ DJ AFRICALI C
    © Folkroddels.be 2005 - Contact - Redactie - Disclamer - Webdesign - Sitemap

    des: Arban